Twype en twensatie

Mijn ’15 minutes of fame’ begonnen op vrijdag 21 januari 2011, om 11:41 uur precies. In minder dan 140 tekens ontketende ik – zonder dat ik het wist – een mediastorm door op mijn Twitter for iPhone App het volgende bericht de ether in te slingeren: ‘Wilde net in vliegtuig stappen, plots 2 brandweerwagens, 3 ME busjes en veel politie met machinegeweren. Gate ontruimd, ‘iets’ in vliegtuig.’

 

 

Beetje tijd doden

Laat ik voorop stellen, mijn tweet was geen fabricatie, geen fictie vermomd als feit. Het gebeurde daadwerkelijk. Die ochtend zou ik naar Londen vertrekken voor een weekend, en met een handjevol mensen stonden we bij de Gate te wachten om aan boord te stappen. De procedure daarvoor was net gestart, toen er wat sirenes klonken en enkele passagiers naar buiten wezen. Daar stond onze Boeing, begeleid door brandweer en veiligheidsdiensten. Al gauw klonk er een stem over de intercom, in een toonzetting die onderdrukte paniek verraadde en ons maande om rustig maar toch zo snel mogelijk de gate te ontruimen. En wat doe je dan als eerste, zo gauw je de veiligheid van de airport lounge hebt bereikt? Juist, je Twittert erover.

Het grote wachten was aangebroken. Er viel weinig anders te doen dan naar de vertrekborden te kijken (‘Boarding Now’ bleef daar resoluut knipperen) en een glimp proberen op te vangen van de activiteiten achter de in allerijl opgetrokken versperring naar de Gate. Om de tijd te doden bleef ik mijn observaties vrolijk twitteren…

 

 

20 nieuwe volgers

Na enige tijd begon dat wachten in de lounge toch vervelend te worden. Het duurde maar voort, er gebeurde eigenlijk niets, we kregen niet te horen wat er nou aan de hand was, en het ergste: we vertrokken maar niet naar Londen. Bah!

Plots bliepte mijn telefoon dat ik nieuwe volgers had. Een stuk of 20. Wat? Ik kreeg berichtjes binnen van onbekenden. Of er al meer bekend was. Hoe alles ervoor stond.

Toen wist iemand mij te melden:

 

 

Aha.

 

 

Geenstijl

Daar stond ik dan, op GeenStijl.Homepage material.

‘Even opletten met zijn allen. Zojuist binnen gekomen, een VOS-1 op Schiphol. Een zogenaamde ‘pan pan call’ dus, waarbij de piloot heeft aangegeven dat er iets niet in orde is. Volgens Twitteraars is een gate ontruimd. Tevens robocops op segways met mitrailleuren op weg naar een vliegtuig, samen met de brandweer. Martijn Winkler weet er meer van.’

Verschillende nieuwssites (waaronder ANP, nu.nl en vk.nl) hadden deze scherpelead van GeenStijl direct overgenomen. En ik was een celebrity. Ook al wist ik dat zelf niet helemaal.

Dicht op het nieuws, ver van de waarheid

Ik besloot een bericht terug de ether in te slingeren. ‘Weet iemand wat er aan de hand is?’ En na enige tijd, kreeg ik een linkje doorgemaild naar een followup op telegraaf.nl: ‘Niks aan de hand, loos alarm.’ Aldus een woordvoerder tegen de Telegraaf.

Wij – de passagiers en het personeel van Schiphol en British Airways ter plaatse – hadden de geruststellende woorden van deze woordvoerder niet gehoord. Bij de Gate heerste nog volop verwarring en onduidelijkheid. Niemand wist ook meer iets over de situatie, wat er aan de hand was, of het al opgelost was, of er iets gevonden was. Terwijl de rest van Nederland weer opgelucht adem kon halen, zaten wij nog midden in de chaos van het moment.

De afstand van burgerjournalistiek tot officiële media leek dankzij mijn tweets zo klein. Maar tegelijkertijd leek de afstand tussen de officiële media en de burgers ter plaatse, als het om de afwikkeling van dat nieuws gaat, bijna onoverbrugbaar groot.

 

 

 

Paradox

Het lijkt de paradox van de huidige nieuwsvoorziening en berichtgeving van de on- en offline media. Men kan (of wil) het zich niet permitteren ‘te laat’ te zijn met nieuws. Het belang van de eerste te zijn, of op z’n minst midden in de actualiteit te staan, weegt in de praktijk zwaarder dan een gedegen onderzoek, of een genuanceerd achtergrondverhaal. Twitter, als een bron voor actuele burgerjournalistiek, werkt hierin als katalysator. Burgers ter plaatse lijken sneller, beter en directer met nieuws te komen, dan de traditionele media. De oplossing van die traditionele, officiële media lijkt nu: eerst plaatsen, dan checken. En als blijkt dat het niet klopt: snel rectificeren en weghalen. Dan is de hype weer even snel voorbij als dat die kwam… Op de lange termijn wint de nuance altijd.

Dus wat is de definitie van de term ‘nieuws’ nu nog? Korte termijn berichtgeving, of lange termijn duiding? Voor de komst van Twitter en participerende burgerjournalistiek, was er nauwelijks verschil tussen de twee. De nuance kroop als vanzelf in de berichtgeving, vanwege praktische deadlines en planningen van kranten en omroepen. Dat is nu niet langer zo. Nieuws kent nu twee verschijningsvormen, ieder met een eigen norm voor waarheid.

De vraag is nu: waar blijft de werkelijkheid in al deze berichtgeving? Wie geeft er nog aandacht aan wat er echt gebeurde?

Als ik een schot voor de boeg mag doen: de verhalenvertellers, de kunstenaars, de filmmakers. Een narratief van de werkelijkheid doet misschien wel meer recht aan die werkelijkheid dan een actueel nieuwsverslag.

Waarvan akte.

 

Author: DDG

Share This Post On

Commentaar, vraag, of antwoord? Draag bij!

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.