Tip van de maand november: de Geschillencommissie ACR; wat kan ik ermee?

De Geschillencommissie ACR; wat kan ik ermee?

Zoals jullie waarschijnlijk al hebben gehoord, heeft de Geschillencommissie Auteurscontractenrecht (ACR) deze zomer haar eerste uitspraak gedaan in de zaak Soof2. Simpel gesteld oordeelde de Geschillencommissie dat er een discrepantie was tussen wat de makers verdienden en wat de film had opgeleverd, en kende de Geschillencommissie aan de makers een extra vergoeding toe (een percentuele verhoging).

De Geschillencommissie ACR is ingesteld om disputen tussen makers en exploitanten over de uitvoering van verschillende bepalingen uit de Wet Auteurscontractenrecht, te beslechten. Die wet, ingevoerd op 1 juli 2015, probeert de contractuele positie van makers te verstevigen door hen een aantal rechten cq bevoegdheden toe te kennen ten opzichte van exploitanten. Zo heb je bijvoorbeeld recht op een aanvullende vergoeding als jouw film een bestseller blijkt te zijn of als je film wordt gebruikt op een manier die niet was voorzien (een zgn. onbekende exploitatiewijze). Daarnaast geldt ook dat je recht hebt op een billijke vergoeding voor alle exploitatie waarvoor niet door VEVAM wordt geïncasseerd. Ten slotte staat ook in de Wet ACR dat contractbepalingen die evident onredelijk zijn, kunnen worden vernietigd. Samengevat is de Geschillencommissie bevoegd ten aanzien van: de hierboven genoemde 45d lid 1 AW billijke vergoedingen, de aanvullende billijke vergoeding met betrekking tot onbekende exploitatiewijzen, de bestsellervergoeding, non-usus ontbinding, onredelijk lange termijn exploitatie toekomstige werken en onredelijk bezwarende bedingen. Over deze bevoegdheden zullen wij volgende maand uitweiden.

Mocht je aanspraak willen maken op bovengenoemde rechten en je komt er niet uit met jouw contractspartij, bijvoorbeeld de producent, dan kun je dit voorleggen aan de Geschillencommissie. Een maker kan een geschil ook anoniem voorleggen, en een belangenorganisatie daartoe machtigen, mits het geschil zich daarvoor leent. Een uitspraak van de Geschillencommissie ACR wordt bindend als de partijen niet binnen drie maanden na de uitspraak de zaak aan de rechter voorleggen (behalve bij een anonieme maker, daar blijft de uitspraak een verklaring).

Er zijn wel voorwaarden aan verbonden: zo moet het gaan om contracten die na 1 juli 2015 zijn gesloten, of met betrekking tot filmwerken die na 1 juli 2015 zijn voltooid. De grootste hobbel is nog wel dat een geschil alleen aanhangig gemaakt kan worden door of tegen een exploitant die geregistreerd is bij de Geschillencommissie (SGB), tegen betaling van € 150,-. Doet de exploitant dit niet, dan wordt het geschil niet in behandeling genomen. Op deze wijze kan een exploitant natuurlijk de gang naar de Geschillencommissie frustreren.

Mocht je hierover vragen hebben, neem gerust contact op met de DDG.

Author: DDG

Share This Post On

Commentaar, vraag, of antwoord? Draag bij!

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe jouw reactie gegevens worden verwerkt.