Brandbrief Creatieve Coalitie

Aan de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Cc. De minister en staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat
De minister van Financiën en de staatssecretaris van Financiën – Fiscaliteit en Belastingdienst
De minister en staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen


Muiden, 27 mei 2020

Geachte Kamerleden,

De Creatieve Coalitie heeft vorige week woensdag met de 41 aangesloten beroepsorganisaties een zoombijeenkomst gehouden nadat de persconferenties van de drie ministers over de tweede tranche generieke maatregelen was afgelopen. We hebben de maatregelen besproken en de algemene teneur was die van teleurstelling en ook felle boosheid. De teleurstelling betrof met name dat het pakket als meer van hetzelfde klonk, ofschoon er natuurlijk ook waardering was voor de TOFA, de regeling voor de flexwerkers. Gesteld dat de TOFA ook in werking zal treden, hetgeen immers nog niet het geval is. Daarnaast bestaat natuurlijk waardering voor de verruiming van de TOGS. Het is in dit stadium nog te vroeg om een beeld te kunnen vormen in welke mate de makers en de werkenden die als eenmanszaak of zzp’er werkzaam zijn, baat ondervinden van deze verruiming.

De frustratie van de Coalitieleden betrof voornamelijk twee elementen uit het nieuwe noodpakket:
1. De groep die nu tussen wal en schip valt is nog niet geadresseerd: zij werden niet bereikt door de steunmaatregelen van het eerste noodpakket en worden evenmin bereikt door dit tweede steunpakket, generiek noch specifiek. Het betreft hier zo’n 30.000 werkenden in onze sector. Als er geen specifieke maatregel volgt die deze groep een inkomens-ondersteuning biedt, dan rest hen niets anders dan de gang naar de gemeentelijke bijstand. Zij stromen dan de sector uit. Bij herhaling hoorden we als argument tegen een mogelijke handreiking dat de uitvoeringslast te hoog zou zijn. Dit technisch bureaucratische argument mag toch niet gelden om 30.000 mensen maar in de kou te laten staan? Ik wil deze groep graag wat meer reliëf geven: ongeveer een derde van alle zelfstandig werkzamen in de culturele en creatieve sector valt tussen wal en schip. De reden voor dit barre lot is dat ze niet voldoen aan een of meer van de toelating criteria van bijvoorbeeld de TOZO (inschrijving KvK, urencriterium, werkruimte vereisten). Deze groep is bekend bij de beroepsorganisaties. En deze organisaties zijn ten volle bereid om de brug te slaan naar het UWV dat maatregel kan uitvoeren om deze groep van de zo noodzakelijke ondersteuning in hun levensonderhoud te voorzien. Schuif deze mensen niet in zee!

2. De groep die nu TOZO ontvangt. Drie maanden konden ze het uitzingen op een inkomenstegemoetkoming op sociaal minimum-niveau. Hun uitgaven niveau echter houdt tred met hun inkomensniveau uit zzp-inkomsten, dat vaak een veelvoud is van het sociaal minimum. Ze kunnen hun maandlasten daarom niet bestrijden uit de TOZO. Drie maanden interen op eigen reserves ligt achter ons. Opnieuw drie maanden (en wellicht langer) in deze situatie verkeren wordt door velen als een onmogelijke opgave beschouwd, waarbij de gezinsinkomensnorm de situatie voor velen verergert. Voor een groot aandeel van de TOZOgebruikers vormde de kabinetsberichtgeving van laatste woensdag het startschot van heroverweging over hun beroepstoekomst.

Ik wil dit laatste punt met een praktijkvoorbeeld verduidelijken: een hoboïst, afgestudeerd aan twee conservatoria, is als zzp’er werkzaam bij muziekgezelschappen met klinkende namen. We mogen deze muziekmaker rekenen tot het topsegment van de Nederlandse musici. Deze hoboïst verklaarde geëmotioneerd dat het gevolg van het tweede noodpakket het beëindigen van diens beroepsbeoefening inhoudt. Het enige wat deze musicus kan redden is een inkomensondersteuning die het gat met het oorspronkelijk inkomen kleiner maakt. De bestaande financiële verplichtingen matchen niet met de TOZO steun. En dat geldt voor velen.

Daarbij werd ook in genoemde bijeenkomst van vorige week woensdag opgemerkt dat verschil tussen de zelfstandigen en de groep die binnen een arbeidscontract vrijwel hetzelfde werk verricht nu wel erg gaat opspelen. De via de NOW gefinancierde collega’s wordt niets misgund, maar het wordt als hoogst oneerlijk ervaren dat voor de TOZO groep geen inkomensondersteuning mogelijk wordt gemaakt die rekening houdt met het eerdere inkomensniveau.

Op individueel niveau leidt dit tweede steunpakket tot veel frustratie binnen de werkenden en de makers die als zelfstandige hun werk uitoefenen. De groep die nu voor uitstromen staat lijkt zo groot dat het de sectorale keten in zijn geheel ongemeen hard zal gaan raken, mocht die uitstroom onverhoopt werkelijkheid worden. Na de corona-crisis, die voor de culturele en creatieve sector langer zal duren dan voor vele andere economische sectoren, zullen veel mensen node gemist gaan worden omdat ze onvoldoende steun hebben kunnen krijgen in deze periode waarin het er echt op aan komt. Onze enige hoop is dat er heel snel een specifiek noodpakket volgt dat in de lacunes kan gaan voorzien.

Met vriendelijke groet,

De Creatie Coalitie,

Ruud Nederveen, voorzitter

Author: DDG

Share This Post On

Commentaar, vraag, of antwoord? Draag bij!

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.