Tot elkaar veroordeeld

In The Master volgt Paul Thomas Anderson de worsteling tussen de charismatische sekteleider Lancaster Dodd (gespeeld door Philip Seymour Hoffman) en zijn discipel, de in Tweede Wereldoorlog getraumatiseerde marinier Freddie Quell (gespeeld door Joaquin Phoenix). De secte “The Cause” verwijst naar de Scientology, maar ook naar andere sectes, zoals de Mormoonse Kerk.

Nanouk Leopold (scenario en regie) & Stienette Bosklopper (producent) maakten in de loop van ruim 10 jaar 5 speelfilms. Eind april komt hun laatste film: Boven is het stil met o.a. Jeroen Willems uit in de bioscoop.

Nanouk: Ik vond het een hele mooie film. Ik was gewaarschuwd dat ie saai en langdradig was, dat vond ik helemaal niet. Na een tijdje raak je wel even de draad kwijt, dan denk je: waar gaat het heen? Het eerste half uur is wel het meest optimale van de film. Daarna vraag je je af: gaat het nou om de man met de missie of over die ander, of over hen samen, dat was niet meteen duidelijk.

Stienette: Er is een moment in de film, ik weet niet precies op hoeveel tijd dat was, dan zijn ze in dat zaaltje.
Nanouk: Welk zaaltje?
Stienette: In dat zaaltje, zo halverwege, een grote zaal met al die mensen. Je zag hem eerst in die donkere kamer.

Bedoel je de jongere, Freddie?

Stienette: Nee, de master.
Nanouk: De master komt aanlopen?
Stienette: De master komt aanlopen en hij ziet Freddie tussen het publiek naar hem kijken. En dan krijgt hij een sombere gloed over zijn gezicht alsof hij denkt: we gaan elkaar kwijt raken. Herinner je je dat moment?
Nanouk: Was dat bij de presentatie van het boek?
Stienette: Ja,  het is na de kist.

(The Master trekt samen met Freddie de woestijn in om een kist op te graven die aantekeningen van de afgelopen 40 jaar zou bevatten.  red.)

Nanouk: Die kist is een dieptepunt.
Stienette: Die kist is het hoogtepunt.
Nanouk: Ja, dat vond ik een dieptepunt. Voor het eerst viel de muziek me op, en ik dacht waarom jengelt die muziek daar maar door.
Stienette: In de kist  die ze opgraven zitten de boeken die de master aan hem toevertrouwt. Hij vertrouwt hem en daarna gaat het mis.

foto: Erik van Zuylen

 

Wat gaat er mis?

Stienette: Het persoonlijke verhaal, tussen hem en de master, is daar niet helemaal uitgewerkt en ik heb het gevoel dat daar iets ontbreekt. Opeens is Freddie weg en je vraagt je af waarom hij weg is gegaan.
Nanouk: Ik dacht dat ie dood ging. Ik dacht hij rijdt zichzelf te pletter. Dat vond ik eigenlijk veel logischer.

Als ie op zoutvlakte wegrijdt op de motorfiets en in de verte verdwijnt.

Stienette: Ja, en daarna is ie weg.

Jij vond dat een gemis in het scenario?

Stienette: Ik had er geen last van want ik vond het echt een prachtige film.
Nanouk: Eigenlijk gevaarlijk want we gaan zitten analyseren en van alles afkeuren terwijl het zo’n prachtige film is.
Stienette: Dat vooropgesteld, ik vond het prachtig, maar ik heb wel wisselende verhalen gehoord over de film van anderen. Het wordt heel impressionistisch en je moet jezelf dwingen om je niet steeds af te vragen wat gebeurt er nu eigenlijk allemaal en hoe zit het in elkaar en toch doe je dat ook wel een beetje.

Nanouk: Maar dat is er wel interessant aan. Mensen verdragen het gewoon niet meer als het geen helder verhaal is.
Stienette: Als het niet uitgelegd wordt.

Nanouk: Wat ik heel mooi vind, het eindigt zo in dubio, dat ze eigenlijk van elkaar houden en ook niet en dat de master hem heeft geroepen in die droom en zegt: ‘ik mis je zo’.
Stienette: Ik had niet door dat het een droom was, in het begin.
Nanouk: Nee, dat zie je pas later.

Stienette: Een telefoon die binnen wordt gebracht in de bioscoop, ik geloofde dat meteen.
Nanouk: Ik geloofde dat daarna nog steeds, hij heeft hem wel geroepen.
Stienette: Het is denk ik ook wel een verwijzing naar de Scientology, daar gaat die film toch ook over?
Nanouk: Ja, maar daar weet ik eigenlijk niets van.
Stienette: Die mensen worden altijd weer gevonden.
Nanouk: Altijd weer gevonden?
Stienette: Je kunt je er niet zomaar van losmaken. Als hij vraagt: ‘hoe heb je mij gevonden?’ verwijst dat daarnaar.

Nanouk: Ik blijf het moeilijk vinden dat het niet helder is waar het over gaat. De titel is De Master, maar de film opent met het leven van Jaoquin Phoenix (Freddie), dus dacht ik dan gaat het over hem. Daar gaat het ook eigenlijk over.
Stienette: Hij is wel de hoofdpersoon. Maar als ik erover zou moeten vertellen, dan zou ik zeggen: het hoeft voor mij niet uitgelegd te worden, maar er zit toch een soort zwabbering in, ergens in de film. Ik heb het gevoel dat er heel veel uit is.

Nanouk: Ja, dat is interessant, hè.

Stienette: Weet je wat het is met zo’n film. Je hebt zoveel films, de meest dierbare films, waar dan ook weer iets mee is. Er zitten zoveel andere kwaliteiten in die film.

Nanouk: Het is een van de beste die ik in tijden gezien heb. Echt waar. De scènes zijn waanzinnig mooi, hoe het gespeeld  wordt, hoe het verfilmd is, die zuiverheid op die jongen zijn hoofd. En dat hoofd van die man en wat hij daarmee kan!
Stienette: En het lichaam.

Nanouk: Die oogjes die zo de hele tijd dicht zijn en dan opeens moet hij die ogen ontspannen en dan worden ze groot en dan kijk je erin en denk je Whooom en dan gaan ze weer dicht. En daar gaat het volgens mij de hele tijd over,  dat je hem even wilt zien, echt. Wat is er nou echt met hem.

Stienette: Nou hij is een kapot iemand,  hij is een gebroken iemand. Dat gaat dan wel over de Scientology.

Nanouk: Ik had zelfs een moment dat ik het mooi vond, dat ik dacht wat maakt het eigenlijk uit, dat iemand als de Master zo zijn macht misbruikt, want hij geeft hem ook heel veel liefde. Je denkt ja, je kan het ook niet doen, maar dan heeft heel die familie niks te doen. Vreselijke gedachte natuurlijk. Maar wat kan het voor kwaad, wat is er eigenlijk mis mee?

Stienette: Je ziet het point of view van Jaoquin terug in hoe Philip Seymour Hoffman de Master speelt: dat joviale maar ook soms dat gekkige en vooral dat spel van jongens onder elkaar.

Nanouk: Zoals de motorrit in de woestijn.

Stienette: Ja, en dat je daardoor een soort verbeelding geeft van het charisma van dat soort mensen.  Wat ik heel goed vind van Paul Thomas Anderson als regisseur is dat hij in scènes altijd iets stopt van het ongerijmde, er zit altijd iets geks in, iets wat afwijkt van het normale, op allerlei niveaus.

Nanouk: Daardoor wordt het nooit cliché.

Stienette: En je ziet een totale perfectie in het beeld. In alle rollen, in de kleding, in alle bijrollen, hoe die vrouwen eruit zien, hoe die meisjes eruit zien, er is zo goed over nagedacht. Daar ben ik dan wel ‘s jaloers op. Het heeft natuurlijk ook met budget te maken, maar ook met visie. Daar heb ik zoveel bewondering voor, als je dat kan, dat vind ik geweldig.

Nanouk: Maar eigenlijk is dat toch het begin. Dat zou toch met elke film moeten. Dat daar over nagedacht is, dat het een keuze is, wat het dan ook is.

th_480_1000_bovenishetstil

Boven is het stil, regie Nanoul Leopold

Een film als deze zou je wel willen maken?

Stienette: Ja, natuurlijk.
Nanouk: Daarom wilde ik er ook heen. En ik vraag me af waarom dit soort films niet in Nederland worden gemaakt.
Stienette: Wij hebben in Nederland ook heus wel een geschiedenis waar we iets mee kunnen als je dat zou willen. Maar we zijn dat niet gewend.
Nanouk: Nu ja, het is ‘larger than life’ , en dat moet je durven. Wij durven dat niet, we maken alles heel beschaafd.

Zou jij dat willen?

Nanouk: Ja, ik zou willen dat ik dat durfde.
Stienette: En dat ga je ook nog wel doen.
Nanouk: Ja, graag.
Stienette: Dat gaat ze nog wel doen.
Nanouk: Maar dat is nog niet gebeurd. Als je niet oppast dan ben je pathetisch, maar als je het niet probeert dan ben je nooit ergens, snap je. Als je het niet aandurft dan blijf je altijd beschaafd, bij voorbeeld ironisch of humoristisch maar dan kom je nooit dieper.

Stienette: Ik bedoel niet dat het in Nederland onmogelijk wordt gemaakt, het zit in ons zelf. Je moet denken wij gaan ook zo’n film maken, kan het ons wat schelen. Je zou een film kunnen bedenken die heel wat van dat soort aspecten in zich heeft, zonder dat hij nu persé heel duur hoeft te zijn. De uitvoering is maar een element ervan. Het is niet zo dat wij zulke suffe films maken omdat er in Nederland geen geld is, dat vind ik veel te gemakkelijk.

Je ziet het ook in de cameravoering. Het is niet naar het realisme of naar de weergave van de werkelijkheid toe getrokken. Hij maakt het groter, dat is een hele andere benadering. Wij maken alles kleiner, of het in de krant staat. Zij maken er een mythe van, ze geven het mythische proporties. En dat hebben wij niet, het zit niet in onze aard. Maar het hoort wel bij film.

Hebben we dat soort  thema’s hier?

Nanouk: Ik heb het idee dat het niet met het thema te maken heeft. Eigenlijk is het  veel meer de uitvoering die bepaalt wat voor film het is. Het had ook een hele andere film kunnen zijn over een secte en iemand die er niet meer uitkomt. En een moeder die achter haar kind aangaat. Een vreselijk drama.

Stienette: Ik denk wat wij wel gemeen hebben met zo’n P.T. Anderson is dat wij ook dat soort perfectionisme nastreven en eigenlijk vind ik dat het wel lukt op onze manier. Onze film Boven is het stil moet nog uitkomen, maar mensen die echt van film houden zien ook wel dat hij met net zo’n zelfde geest is gemaakt, die verzorging in de details, en iets anders durven doen, ook in hoe het is gemonteerd. Mensen zijn zo braaf, dat is verschrikkelijk. Ik vind Nederland zo onintellectueel. Ik denk dat mensen ons ook enorm highbrow vinden en heel ingewikkeld. Maar ik denk dan: Schijt eraan, al dat platte gebeuren, dat doen anderen maar.

Author: DDG

Share This Post On

Commentaar, vraag, of antwoord? Draag bij!

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe jouw reactie gegevens worden verwerkt.