Grote actiebereidheid onder filmmakers

Verslag van de start van de campagne ‘Een toekomstbestendig auteursrecht voor filmmakers’ – Tijd om in actie te komen!  / door Peter Dop

In een bomvol Comedy Theater vond op 15 december de start van de campagne plaats. De avond werd gepresenteerd door acteur Sieger Sloot. In het kort vertelt Sloot, voor degenen die nog niet op de hoogte zijn, de ontstaansgeschiedenis van PAM (het samenwerkingsverband tussen de beroepsorganisaties en rechtenorganisaties voor scenaristen, regisseurs en acteurs). Precies vijf jaar geleden vond de eerste openbare bijeenkomst van PAM plaats.

Waarom auteursrecht?

Om te begrijpen waarom filmmakers actie zullen voeren is het goed om te weten wat auteursrecht precies is en waarom het zo waardevol is. Scenarioschrijver Robert Alberdingk Thijm legt daarom uit hoe economische waardeketens werken en waarom het auteursrecht een uniek recht is. In de waardeketen van een kop cappuccino op een terras in de zon staat de koffieplukker in Afrika of Zuid-Amerika onder aan de ladder. De geplukte koffie gaat naar de koffiepakker die er iets aan verdient. De verpakte koffie gaat vervolgens naar de groothandel. Ook die verdient er aan (maar dan nog iets meer). Vervolgens gaat de koffie naar de winkelier, die er ook (en nog meer) aan verdient. Aan het einde van de keten staat dan de horeca. Die vraagt 3,50 euro voor een cappuccino of een caffè macchiato aan de consument. De plukker krijgt een schijntje (65 euro per vrachtwagen) en er zijn veel partijen die er aan verdienen. De hoogte van de winst is afhankelijk van je positie in de keten. Dezelfde keten is toepasbaar in film.

Tussen het begin – de schrijver en de regisseur ontwikkelen een filmplan, en het eind – de film in de bioscoop of op tv, zitten talloze schakels. Partijen, die er aan verdienen. Om te voorkomen dat de maker in de positie van de koffiebonenplukker verkeert, bestaat sinds 100 jaar het auteursrecht. Een uniek recht dat er voor zorgt, dat de maker bovenin de keten (in de analogie van de koffie dus bij het kopje cappuccino) een deel krijgt van de verkoopprijs. Nu er op dit moment sprake is van een auteursrecht, dat moeizaam functioneert (sinds 2012 betalen de kabelaars niet meer aan schrijvers en regisseurs. Aan acteurs is überhaupt nooit betaald voor kabeldoorgifte) staat de maker als hij niet oppast op de plaats van de koffiebonenplukker. Niet toevallig gezien een uitspraak van één van de kabelaars tijdens één van de legio rechtszittingen: ‘Een fabrieksarbeider die potjes pindakaas vult, kan toch ook niet bij Albert Heijn aankloppen voor een deel van de verkoopprijs?.’ Heel veel helderder dan dat kon de denkwereld van onze collega-onderhandelaars niet geïllustreerd worden.

Sloot concludeert dat, hoewel filmmakers auteursrechten hebben en ze dus ook volgens de wet recht hebben op een vergoeding voor al het gebruik van hun werk, het op dit moment een hels karwei is om die vergoedingen te krijgen.
Het lastige van de situatie is bovendien dat de producenten, die via de wet deels de verantwoordelijkheid hebben gekregen om de billijke vergoeding aan filmmakers te betalen, zich verenigd hebben met de kabelaars en de omroepen. En tot nu toe komt er niets terecht van een billijke vergoeding voor iedere exploitatie.

Een billijke vergoeding voor iedere exploitatie?

Mensen van onze organisaties draaien de laatste jaren overuren. VEVAM-voorziter Maarten Treurniet licht dit toe. Het begon allemaal toen de kabelmaatschappijen stopten met betalen vanwege een technische wijziging. In de wet is sprake van retransmissie: De omroepen zonden uit; de kabelaars pikten het signaal in de ether op en gaven het door aan hun abonnees. Nu ontvangen de kabelaars het omroepprogramma van Nederlandse zenders direct en zou er geen sprake meer zijn van transmissie. De kabelaars dachten, samen met de producenten, zodoende een gat in de wet te zien en stopten met betalen aan de filmmakers. De producentPAM verslag plaatje 1en bleven wel gewoon de gelden van kabelaars ontvangen. Ondertussen was RODAP namelijk opgericht.

In RODAP hebben zich de omroepen, kabelaars en producenten verenigd om de vergoedingen te regelen voor het gebruik van films en televisieprogramma’s, maar in de praktijk leidt het nu vooral tot het buitensluiten van de filmmakers.

 

 

Na het stopzetten van de kabelgelden restten ons drie dingen:

  1. Contact zoeken met de producenten. Dit leverde niets op.
  2. Rechtszaken voeren. Zowel NORMA als Lira en VEVAM voerden elk een proces. Ieder met verschillend succes. Hoe het ook zij; dit alles heeft er in elk geval toe geleid dat de rechter bevestigt dat de kabelaars Lira moeten betalen, maar hiervan is begin december 2014 nog geen sprake.
  3. Lobbyen voor een betere wet.

Nieuw wetsvoorstel en onderhandelen

In januari 2015 beoordeelt de Tweede Kamer het wetsvoorstel voor een verbeterde, toekomstbestendige wet. Die wet zou een einde moeten maken aan de huidige ongewenste situatie. Maar via hun lobby en contacten met de diverse betrokken ministeries en kamerleden, hebben de RODAP-partijen er voor gezorgd dat filmmakers voor vergoedingen voor VOD-rechten, en de rechten op alle toekomstige digitale ontwikkelingen, weer afhankelijk zullen zijn van de producenten. En dat biedt, zoals het filmpje dat aan het begin van de avond getoond werd, liet zien, geen enkele garantie dat makers mee zullen delen in de opbrengst.PAM verslag plaatje 2

Justitie besefte dat de vergoeding voor VOD in het wetsvoorstel niet goed geregeld was voor filmmakers en drong er op aan dat Lira, VEVAM en  NORMA tot vergoedingsafspraken zouden komen met RODAP, voor VOD. Op basis van vrijwillig collectief beheer. En dus wordt er vanaf eind augustus opnieuw onderhandeld tussen de CBO’s en RODAP. Die onderhandelingen laten zich kenschetsen als uiterst moeizaam en helaas is er tot nu toe geen akkoord bereikt. Maar dat kan nog elke dag veranderen. Zelfs op het moment dat onze campagne van start gaat, wordt er achter de schermen nog druk onderhandeld en misschien hebben we voor de Kerst nog een afspraak.

 

Moeten de producenten over de exploitatierechten beschikken?

Het belangrijkste geschilpunt is hoe te garanderen dat makers daadwerkelijk een vergoeding zullen krijgen. Onze rechten zijn de beste garantie op een vergoeding. We moeten dan tot een systeem komen dat we de rechten alleen maar leveren, als de vergoeding ervoor geregeld is.

Sloot concludeert dat het gezien de uitspraak van de rechter in de Lira-zaak op dit moment belangrijk is dat filmmakers lid zijn van een CBO. Dat lijkt de enige mogelijkheid om ooit nog een vergoeding te krijgen voor het gebruik van je werk. Maar het is niet altijd eenvoudig om lid te zijn van een CBO want producenten oefenen druk uit en gebruiken allemaal argumenten om je ervan te overtuigen dat je rechten aan de producent moet overdragen.

Sloot vraagt of Alberdingk Thijm een aantal stellingen met hem door wil nemen.

  • Producenten hebben alle rechten nodig, anders kunnen ze de film niet verkopen.
  • Producent zegt dat hij een vrijwaring nodig heeft van de maker.
  • De auteursrechtelijke vergoeding zit al in het honorarium.
  • Veel Nederlandse films brengen onvoldoende op om de financiers, zoals Filmfonds en COBO terug te betalen. Er is zelden sprake van winst.

PAM verslag plaatje 3Van al deze stellingen kan je zeggen dat ze onjuist zijn. Producenten hebben bijvoorbeeld niet alle rechten nodig. Een CBO kan een licentie geven. Het is zoiets als het hebben van een logee. Die komt een week bij je logeren. Dat is wat anders dan dat die logee zegt: ‘En nu is het mijn huis’. Van de filmcomponisten hebben de producenten bijvoorbeeld de rechten nooit, die liggen bij BUMA. Toch kunnen er desondanks gewoon films en tv-series worden geproduceerd en geëxploiteerd.

De maker hoeft helemaal geen vrijwaring te geven van claims van een CBO. Juist niet, de CBO moet natuurlijk juist een vergoeding voor de makers kunnen claimen.
De auteursrechtelijke vergoeding kan niet in het honorarium zitten, want je weet op het moment dat je je honorarium afspreekt niet of het werk een succes wordt. Het honorarium gaat meestal uit van een minimum scenario.
De stelling dat Nederlandse films onvoldoende opbrengen kan geen stand houden in een situatie waarin de CEO van Ziggo 15.7 miljoen euro verdient. Het merendeel van het aanbod dat op de Nederlandse televisie verschijnt is Nederlands product. De CEO verdient dus met het doorgeven van onze programma’s.

Sloot concludeert dat de discussies ontstaan vooral omdat de huidige wet daar blijkbaar ruimte voor biedt.

Een toekomstbestendige auteurswet en een nieuwe voorzitter

Daarom is de lobby voor een betere wet nu belangrijk. Ike Bertels lobbyt namens PAM met ‘de politiek’ en de ministeries. Bertels vertelt over de lobby. De PAM-delegatie bestaat telkens uit 3 personen, een acteur namens NORMA, een schrijver namens Lira en een regisseur namens VEVAM. Er wordt telkens voor gezorgd dat er een jurist bij is. Er ligt nu een nieuw wetsvoorstel en daar zijn we nog niet helemaal tevreden over.

Sloot concludeert dat het heel goed werkt dat acteurs samen optrekken met regisseurs en scenarioschrijvers en dat er in de lobby door politici goed naar het standpunt van filmmakers geluisterd wordt. En ondertussen is het natuurlijk niet makkelijk om met zes partijen (Netwerk Scenarioschrijvers, Lira, DDG, VEVAM, ACT en NORMA) vanuit soms andere belangen, stappen vooruit te maken.

Daarom is er gezocht naar een onafhankelijk voorzitter. Iemand met charisma, strategisch inzicht en een groot netwerk. Iemand die ons dankzij zijn ervaring in de politieke arena kan inspireren en wijzer kan maken. We zijn enorm blij dat Felix Rottenberg bereid is om zich voor ons te gaan inzetten.

Rottenberg beklimt het podium en vertelt over zijn liefde voor film en hoe hij van kinds af aan al geïntrigeerd was door politieke processen; dat op momenten dat wij als filmmakers ons verdiepten in beeldtaal, hij analyses maakte van wat er in de binnenlandse en buitenlandse politiek gebeurde. Hij zal nu een paar uur per week een bijscholingscursus auteursrecht krijgen van de diverse juristen van de CBO’s. Als ware hij bij de nonnen in Vught.

Vervolgens laat hij de campagne digitaal van start gaan, hierbij geholpen door de directies en voorzitters van CBO’s en beroepsorganisaties, die hij op het podium heeft geroepen.

Op het grote scherm in de zaal is te zien hoe de link van het filmpje naar alle aanwezigen in de zaal wordt gestuurd. De aanwezigen kunnen als eerste het filmpje delen:

 

 Wat kunnen filmmakers zelf doen?

Op het grote scherm is tot slot een lijst met punten te zien die je als filmmaker zelf kunt doen:

  • De PAM website en social media in de gaten houden.
  • Berichten sharen.
  • Lid worden van een CBO.
  • Bijeenkomsten bezoeken, je informeren.
  • Bij contractonderhandelingen contact opnemen met je agent, advocaat, CBO of beroepsvereniging.

Al met al was er deze avond sprake van een uiterst grote opkomst en een start van de campagne voor een zeer betrokken, actiebereide en gemotiveerde zaal met acteurs, schrijvers, regisseurs en andere betrokkenen uit de filmwereld.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Author: DDG

Share This Post On

Commentaar, vraag, of antwoord? Draag bij!

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.