Corona-dossier

In het Corona-dossier tref je informatie aan van:

1. De Rijksoverheid, over:
1.1 Tozo: Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers – waaronder zzp’ers
ZIE UPDATE NOODPAKKET 2.0 – 28 MEI
1.2 TOGS: Tegemoetkoming Ondernemers Getroffen Sectoren COVID-19ZIE UPDATE
UPDATE 28 MEI – TOGS WORDT TVL

2. De Nederlands Fondsen:
2.1 Het Nederlands Filmfonds
Steunmaatregelen Nederlands Filmfonds
UPDATE: Aanvullende realiseringsbijdrage extra productiekosten vertraagde producties COVID-19 Steunmaatregelen
Steunmaatregelen Film Production Incentive
Aanvullende steunmaatregelen VAF en Filmfonds
Versnelde procedure revolverende middelen
UPDATE: Filmfonds en Netflix richten steunfonds op

2.2 NPO-fonds en corona-maatregelen
2.3 CoBO aanpassingen werkwijze in verband met corona
2.4 Stimuleringsfonds Creatieve Industrie
Zie Update 12 mei

3. Europa:
3.1 The Federation of European Filmdirectors
3.2 European Institute for Health and Safety in Film Industry

UPDATE 18 mei:
4. De audiovisuele sector heeft het Corona – protocol gelanceerd

4.1 Persbericht lancering Corona-protocol
4.2 COVID-19 protocol
4.3 Risicotabel COVID-19 protocol
4.4 Toolkit Audiovisuele Sector – DAFF



1. De Rijksoverheid

UPDATE 28 mei 2020

1.1 Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers – waaronder zzp’ers (Tozo)

UPDATE: WAT ZIJN DE BELANGRIJKSTE WIJZIGINGEN BIJ DE TOZO VANAF 28 MEI?

Door de maatregelen van het Rijk om de verspreiding van het Corona-virus te beteugelen derven veel zelfstandige ondernemers, waaronder zzp-ers, noodgedwongen inkomsten. Net als bij grote ondernemingen wil het kabinet deze zelfstandige ondernemers ondersteunen, zodat zij daarna hun bedrijf kunnen voortzetten. Het kabinet komt daarom met een tijdelijke voorziening voor drie maanden die zo snel mogelijk ingaat. Zelfstandige ondernemers met financiële problemen kunnen een beroep doen op deze voorziening, die uitgevoerd wordt door gemeenten.

Ondersteuning kan worden aangevraagd in de vorm van een aanvullende uitkering voor levensonderhoud en/of voor bedrijfskapitaal. De uitkering voor levensonderhoud vult het inkomen aan tot het sociaal minimum. Op een lening voor bedrijfskapitaal kan een beroep worden gedaan om liquiditeitsproblemen op te lossen.

Voor wie geldt de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo)?     

De Tozo geldt voor zelfstandig ondernemers, waaronder zzp’ers die in de knel komen door de Corona-crisis. Voor hen heeft het kabinet financiële ondersteuning beschikbaar gesteld. Het kabinet doet een moreel appel op ondernemers om zich alleen in die situatie te melden om te voorkomen dat er onbedoeld gebruik van publieke middelen wordt gemaakt en onnodige druk op de uitvoering kom te staan.

Meer specifiek gelden de volgende eisen:

  • gevestigde zelfstandigen, vanaf 18 jaar tot de pensioengerechtigde leeftijd;
  • woonachtig en rechtmatig verblijvend in Nederland;
  • Nederlander of daarmee gelijkgesteld;
  • het bedrijf of zelfstandig beroep wordt in Nederland uitgeoefend;
  • voldoet aan wettelijke vereisten voor de uitoefening van het eigen bedrijf, waaronder ingeschreven in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel;
  • is vóór 17 maart 2020, 18.45 uur gestart met de onderneming en voldoet aan het urencriterium, d.w.z. minimaal 1.225 uur per jaar werkzaam in het eigen bedrijf of zelfstandig beroep;
  • woonachtig in de gemeente, waar aanvullende inkomens ondersteuning wordt aangevraagd. 

 Bekijk hier of je in aanmerking komt voor Tozo

De tijdelijke regeling is aanvullend op de overige maatregelen die worden getroffen in fiscaliteit en in de borgstellingssfeer voor ondernemers en is geënt op het Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz). Deze tijdelijke regeling bevat de volgende elementen:

  • De toets op levensvatbaarheid die het Bbz kent wordt niet toegepast, waardoor een snelle behandeling van aanvragen mogelijk is.
  • Daarmee wordt binnen 4 weken voor een periode van maximaal 3 maanden inkomensondersteuning voor levensonderhoud verstrekt. Nu kan dat 13 weken duren. Daarbij kan er met voorschotten worden gewerkt.
  • De hoogte van de inkomensondersteuning is afhankelijk van het inkomen en de huishoudsituatie maximaal ca. € 1500 per maand (netto).
  • Deze versnelde procedure geldt ook voor aanvragen voor een lening voor bedrijfskapitaal tot maximaal € 10.157,-.
  • De inkomensondersteuning voor levensonderhoud wordt ‘om niet’ verstrekt; de ondernemer weet dus zeker dat deze niet later terugbetaald hoeft te worden. Er is in deze tijdelijke regeling geen sprake van een vermogens- of partnertoets.
  • Bij de verstrekking van een lening voor bedrijfskapitaal wordt een mogelijkheid tot uitstel van de aflossingsverplichting opgenomen.
  • Bij de verstrekking van een lening voor bedrijfskapitaal zal een lager rentepercentage dan thans in het Bbz geldt worden gehanteerd. 

1.2 TOGS: Tegemoetkoming Ondernemers Getroffen Sectoren COVID-19

UPDATE: 28 MEI

De TOGS word Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) MKB, voor met name horeca, evenementen, podia en theater. Anders dan de TOGS houdt deze regeling rekening met de hoogte van het omzetverlies. Hoe hoger dit verlies, hoe hoger de tegemoetkoming (vanaf half juni) tot een max van €50.000.

Lees hier meer: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/coronavirus-financiele-regelingen/overzicht-financiele-regelingen/tvl


TOGS is de Tegemoetkoming Ondernemers Getroffen Sectoren COVID-19. Zzp’ers lijken in een aantal gevallen in aanmerking te kunnen komen voor deze regeling, waarbij men een aanvraag kan indienen voor een directe, eenmalige tegemoetkoming van 4.000 euro, vrijgesteld van belastingen. De voorwaarden zijn nog in ontwikkeling. Lees hier meer.

De regeling is voor bedrijven die ingeschreven staan bij de Kamer van Koophandel (voor 15 maart 2020) en die kunnen aantonen in de periode van 16 maart 2020 t/m 15 juni 2020 ten minste € 4.000 omzetverlies te hebben vanwege de corona-maatregelen en in dezelfde periode ook € 4.000 aan vaste lasten verwachten. Ondernemers met een bedrijf aan huis zijn vooralsnog uitgesloten.

Je komt in aanmerking als je voldoet aan deze voorwaarden én de hoofdactiviteit van je onderneming overeenkomt met een van de in de regeling benoemde SBI-codes. SBI staat voor Standaard Bedrijfsindeling en de code geeft aan wat de hoofdactiviteit van een bedrijf is. De SBI-code bestaat uit 4 of 5 cijfers. De SBI-code van je hoofdactiviteit staat op het Uittreksel Handelsregister van je inschrijving bij KvK. De hoofdactiviteit is altijd de bovenste code. Eventuele nevenactiviteiten tellen niet mee voor de tegemoetkoming. Je kunt de SBI-code niet met terugwerkende kracht wijzigen om in aanmerking te komen voor de tegemoetkoming van 4.000 euro.

Eenmanszaken kunnen hun gegevens gratis bekijken. Gebruikers van de KVK App Handelsregister krijgen 30 gratis inzagen per jaar.

De kosten voor de doorstart moeten inzichtelijk gemaakt worden en dienen met name ingezet te worden voor de extra kosten die niet verhaald kunnen worden op een verzekering en bedoeld zijn ter dekking van werkzaamheden van uitvoerende filmprofessionals (crew, cast en filmbedrijven alsmede sturende interne functies) die opnieuw gedaan moeten worden of meer tijd en inspanning vergen door het stilvallen van de productie. Mits gedegen onderbouwd en financieel uitgesplitst zullen we de bedragen snel in de vorm van een aanvullende bijdrage betaalbaar stellen.

De lijst met codes wordt op dit moment regelmatig aangevuld door de uitvoeringsorganisatie RVO. Bekijk daarom de site van RVO voor de actuele lijst.

UPDATE

Op 7 april zijn de meest voorkomende codes in de film- en tv-branche toegevoegd. Je kunt als je bedrijf een van onderstaande codes heeft vanaf 15 april gebruik maken van de verruimde TOGS:

  • 59111 Productie van films (geen televisiefilms)
  • 59112 Productie van televisieprogramma’s
  • 5912 Facilitaire activiteiten voor film- en televisieproductie
  • 5913 Distributie van films en televisieproducties
  • 5920 Maken en uitgeven van geluidsopnamen

Een overzicht van de SBI-codes die toegang geven tot TOGS en de uitbreidingen vind je hier:
https://www.rvo.nl/subsidie-en-financieringswijzer/tegemoetkoming-schade-covid-19/vastgestelde-sbi-codes

Let op! Om aanspraak te kunnen maken op de vergoeding, moest je op 15 maart 2020 met een van deze codes als hoofdactiviteit vermeld staan in het KvK Handelsregister. Ondernemers die recht hebben op de TOGS-regeling, maar zien dat zij geregistreerd staan onder een andere zogenoemde SBI code in het Handelsregister kunnen hier melding van maken. Gebruik hiervoor het formulier Melding niet-aansluitende SBI-code. Geef hierin aan welke SBI-code je nu hebt en welke SBI-code je meent te moeten hebben.

UPDATE: Ook is inmiddels is gebleken dat SBI codes wel degelijk met terugwerkende kracht kunnen worden aangepast. Hoewel eerder gecommuniceerd is dat het niet mogelijk was om de SBI-code met terugwerkende kracht te wijzigen, blijkt dit dus WEL mogelijk. Het lijkt raadzaam om als je een SBI-code hebt die geen toegang geeft tot de regeling, de code zo snel mogelijk te veranderen bij de KvK. Code 5912 lijkt voor velen in de sector een goede oplossing.
Let op: eerst de code wijzigen (met terugwerkende kracht) bij de KvK, daarna (opnieuw) aanmelden bij de RVO voor de TOGS-regeling.

In principe moet een ondernemer en/of bedrijf een vestiging buitenshuis hebben om in aanmerking te komen voor TOGS. Een inschrijving bij de KvK op het woonadres is op dit moment niet voldoende. Inmiddels is bij andere SBI codes (bijvoorbeeld taxi-chauffeurs/rijscholen) die met hetzelfde probleem kampen, de eis om niet op het huisadres ingeschreven te staan vervallen. De hoop is dat dit ook voor andere SBI codes gaat gelden.


2. De Nederlandse fondsen

2.1 Het Nederlands Filmfonds

Steunmaatregelen Nederlands Filmfonds

Vrijdag 20 maart 2020

In aanvulling op de omvangrijke generieke maatregelen van het Kabinet, gericht op continuïteit van ondernemingen en zelfstandigheden, onderneemt het Filmfonds actie door in te spelen op acute sectorspecifieke knelpunten bij films of filmactiviteiten. Het fonds roept ook andere financiers van films op hun activiteiten voort te zetten en coulance te tonen. Ook vraagt het Fonds solidariteit van iedereen in de keten, van filmproducenten tot eindexploitanten, maar ook van verzekeraars en banken om filmprofessionals en hun werk in deze moeilijke tijd te steunen en hun verantwoordelijkheid te nemen in onder meer de overbrugging van inkomstenderving bij zelfstandigen.

Het Filmfonds zal gericht inspelen op specifieke knelpunten van de film- en AV sector: 

  • Een versoepeling in subsidievoorwaarden en verplichtingen voor reeds door het Fonds gesubsidieerde films en filmactiviteiten die nu in de uitvoering getroffen worden. Bijvoorbeeld een verruiming voor filmproducties ten aanzien van de oplevering en vertoning. Daarmee worden aanvragers in de gelegenheid gesteld om de productieplanning aan te passen of oplevering en uitbreng te verplaatsen zonder dat het een gevolg heeft voor de subsidieverlening. Voor meerjarige en projectmatig gesteunde filmfestivals en filmactiviteiten komt ruimte voor het later indienen van jaarverantwoordingen, het inzetten van eigen reserves en het niet
    terugvorderen van de subsidie, indien de huidige activiteiten als gevolg van COVID-19 geen doorgang kunnen vinden. 
  • Een verruiming van de bevoorschotting door bestaande subsidietermijnen geheel of gedeeltelijk te vervroegen en daarmee de reeds gemaakte kosten van crew- en castleden, filmbedrijven en investeringen in de productie waar mogelijk op te vangen. Het Filmfonds roept andere financiers op eveneens daartoe te besluiten. Het Fonds vraagt aanvragers deze kosten inzichtelijk te maken en, indien bevoorschotting vanuit het Fonds niet afdoende is om alle gemaakte kosten te dekken, tot onderlinge afspraken te komen met alle uitvoerenden die kosten gemaakt hebben dan wel recht hebben op een vergoeding bij aanvang van de productie. De aanvrager geeft het Fonds inzage in de besteding.   
  • Een aanvullende realiseringsbijdrage ter dekking van extra (pre)productiekosten die direct samenhangen met het uitstel, veranderingen of tegenslagen die vanaf maart 2020 zijn opgetreden en die bovenop de productiebegroting gemaakt moeten worden. In veel gevallen moeten kosten bij uitstel of herziene opzet opnieuw plaatsvinden of verandert de opzet en bezetting van de reeds selectief door het Fonds gesteunde productie. De extra bijdrage hangt samen met de aard en complexiteit van de problemen waarmee producties geconfronteerd worden. 
  • Een aanvullende distributiebijdrage bij noodgedwongen hernieuwde distributie en marketing van Nederlandse majoritaire speelfilms en bioscoopdocumentaires die met de start van hun uitbreng vanaf maart 2020 getroffen zijn door de plotselinge sluiting van bioscopen en filmtheaters. Wanneer de reeds gedane investeringen in marketing en distributie geheel opnieuw gedaan moeten worden gaat het om een indicatieve aanvullende bijdrage van maximaal € 10.000-25.000 per productie. Uiteraard afhankelijk van onderbouwing en herzien uitbrengplan.
    UPDATE: Vanaf 23 april zijn deze maatregelen verder uitgewerkt: https://www.filmfonds.nl/film-producties/distributie/bioscoopuitbreng-in-nederland

Afhankelijk van de onderbouwing van deze extra kosten komt het Filmfonds op een aantal indicatieve bedragen variërend van € 25.000 voor door het Filmfonds selectief gesteunde bioscoopdocumentaires en minoritaire coproducties tot € 50.000 voor speelfilms met een uitloop naar € 75.000 bij internationale gecoproduceerde speelfilms met productie in het buitenland. Voor producties die alleen vanuit de Production Incentive gesteund worden zal ook gekeken worden of, en zo ja waar, verlichting gegeven kan worden. 

De aanvullende bijdrage voor selectief gesteunde filmproducties geldt nadrukkelijk niet voor het opvangen van andere knelpunten in financiering of de productie die vóór maart 2020 zijn opgetreden en ook niet gerelateerd zijn aan COVID-19. De kosten voor de doorstart moeten inzichtelijk gemaakt worden en dienen met name ingezet te worden voor de extra kosten van uitvoerende filmprofessionals (crew, cast en filmbedrijven). Mits gedegen onderbouwd en financieel uitgesplitst zal het Filmfonds de bedragen snel in de vorm van een aanvullende bijdrage betaalbaar stellen. De aanvrager garandeert dat de bedragen ook bij de betreffende crew, cast en andere opdrachtnemers terecht komen. Verantwoording vindt achteraf plaats. Waar van toepassing voorzien van een tussentijdse update na drie maanden. De systematiek voor het aanvragen van aanvullende bijdragen wordt begin volgende week gepubliceerd op de website.   

UPDATE: Aanvullende realiseringsbijdrage

Binnen het pakket aan steunmaatregelen van het Fonds is het, bovenop de mogelijkheden voor extra bevoorschotting van lopende producties, ook mogelijk een aanvullende realiseringsbijdrage aan te vragen. Deze aanvullende bijdrage dient ter dekking van door filmproducenten te maken extra kosten van lopende projecten die door uitstel, veranderingen of tegenslag met betrekking tot de COVID-19 pandemie getroffen worden. Lees hier meer over de werkwijze en het doen van een verzoek voor de aanvullende bijdrage. In dat kader is vanuit de postproductiesector ook een checklist remote post samengesteld. Deze checklist biedt een overzicht aan mogelijkheden die overwogen kunnen worden.

Het Filmfonds zal de effecten op de korte en lange termijn nauwgezet blijven volgen en het ministerie van OCW daarover informeren. Een eerste inventarisatie van de effecten tref je aan in de bijlage.

Waar mogelijk en noodzakelijk zullen aanvullende maatregelen genomen worden. Bekijk hier de bijlage: COVID-19 Effecten voor de Filmsector

Steunmaatregelen Film Production Incentive

Dinsdag 31 maart 2020

Projecten die een reguliere realiseringsbijdrage ontvangen kunnen gebruik maken van de steunmaatregelen zoals eerder bekend gemaakt.  Voor projecten die uitsluitend een bijdrage van de Production Incentive hebben ontvangen is het mogelijk om voor lopende producties een extra tussentijdse betaling aan te vragen.

Voor filmprojecten waarvan de uitvoeringsovereenkomst is getekend  en de voorgenomen productie nu stokt kan het voorschot op de Incentive ook tijdelijk verhoogd worden tot maximaal 50% mits gedegen onderbouwd ter dekking van de begrote productiebestedingen in Nederland.

Daarnaast kan er in de komende twee rondes (indiendeadlines 6 mei en 24 augustus) een aanvraag voor een aanvullende bijdrage bij de Production Incentive worden gedaan ter gedeeltelijke dekking van extra kwalificerende (pre)productiekosten. Hetzelfde Incentive percentage zal daarvoor gelden als bij de oorspronkelijke subsidieverlening.Het gaat daarbij om kosten die direct samenhangen met het uitstel, veranderingen of tegenslagen in productie en postproductie die vanaf maart 2020 zijn opgetreden en die bovenop de productiebegroting gemaakt moeten worden. Deze aanvullende bijdrage geldt nadrukkelijk niet voor het opvangen van andere knelpunten in financiering of de productie die vóór maart 2020 zijn opgetreden en ook niet gerelateerd zijn aan COVID-19.

De aanvrager garandeert dat de bedragen in kader van bovenstaande maatregelen ook bij de betreffende crew, cast en andere opdrachtnemers terecht komen. Verantwoording vindt achteraf plaats. Waar van toepassing voorzien van een tussentijdse update na drie maanden. De systematiek voor het aanvragen van een aanvullende bijdrage wordt binnenkort gepubliceerd op de website. Nadere informatie omtrent de hoogte van het budgetplafond voor de komende ronde volgt half april.

Aanvullende steunmaatregelen VAF en Filmfonds

Dinsdag 31 maart 2020

Het Vlaams Audiovisueel Fonds (VAF) en het Filmfonds nemen in gezamenlijkheid maatregelen om de filmsector te ondersteunen.

Vanuit de vaste samenwerking met het VAF participeren beide fondsen jaarlijks in speelfilms, lange animatiefilms en documentaires, die in coproductie worden gerealiseerd en in beide landen worden uitgebracht. Deze gezamenlijke regeling wordt gedeeltelijk aangepast.

In het geval van coproductie waarin zowel VAF als Filmfonds anticiperen wordt de onderlinge bestedingsverplichting voor de selectieve fondsbijdragen tijdelijk los gelaten.

Daarnaast neemt het VAF net als het Filmfonds een aantal aanvullende maatregelen. De volledige informatie over de steunmaatregelen vind je hier

Versnelde procedure revolverende middelen

Dinsdag 31 maart 2020

Als onderdeel van de steunmaatregelen die het Fonds in aanvulling op de generieke maatregelen van het Kabinet heeft ingevoerd, hanteert zij een versnelde procedure voor het aanspreken van aan het Fonds terugbetaalde bijdragen uit exploitatie inkomsten, de zogenaamde revolverende middelen

Juist op dit moeilijke moment in de gehele sector is het cruciaal dat producenten en alle andere filmprofessionals op onderlinge afspraken kunnen voortbouwen en dat de revolverende middelen snel inzetbaar zijn. Zeker gezien het feit dat de hardste klappen vallen bij de zelfstandigen en ondernemers van ontwikkeling tot postproductie. 

De voor projecten gereserveerde revolverende middelen kunnen worden gebruikt om in deze periode nieuwe projecten op te starten, te investeren in lopende ontwikkelingen of producties. Door het verstrekken van een onderbouwing hoe en waaraan de middelen concreet worden besteed, kan hierop snel aanspraak gemaakt worden. In het geval dat de middelen al zijn gereserveerd voor de totstandkoming van een filmproductie en aantoonbaar onderdeel uitmaken van het financieringsplan, kunnen deze in een eerder stadium dan op de eerste draaidag betaalbaar worden gesteld.

Producenten worden in principe rechtstreeks benaderd, maar er kan ook direct contact worden opgenomen via email met Thomas van Tuijl: t.van.tuijl@filmfonds.nl.

Vind hier alle steunmaatregelen van het Filmfonds op een rij: https://www.filmfonds.nl/page/8492/nieuwe-update-alle-covid-19-updates-van-het-filmfonds

Aanvullende realiseringsbijdrage extra productiekosten vertraagde producties COVID-19 Steunmaatregelen

Binnen het pakket aan steunmaatregelen van het Fonds is het, bovenop de mogelijkheden voor extra bevoorschotting van lopende producties, ook mogelijk een aanvullende realiseringsbijdrage aan te vragen. Deze aanvullende bijdrage dient ter dekking van door filmproducenten te maken extra kosten van lopende projecten die door uitstel, veranderingen of tegenslag met betrekking tot de COVID-19 pandemie getroffen worden. Lees hier meer over de werkwijze en het doen van een verzoek voor de aanvullende bijdrage. In dat kader is vanuit de postproductiesector ook een checklist remote post samengesteld. Deze checklist biedt een overzicht aan mogelijkheden die overwogen kunnen worden. 

UPDATE: Filmfonds en Netflix richten steunfonds op

Vrijdag 17 april
Filmfonds en Netflix richten steunfonds op Netflix en het Nederlands Filmfonds kondigen vandaag een nieuw steunfonds voor Film- en TV producties aan om medewerkers te helpen die acuut in de problemen zijn gekomen door de COVID-19 pandemie. Netflix stelt in Nederland 1 miljoen euro beschikbaar om het fonds te lanceren.

De productie van films en series in Nederland is zwaar getroffen door de effecten van het COVID-19 virus. Producties liggen stil en de continuïteit van de film en TV industrie staat onder grote druk. Door het aanbieden van een aanvullende bijdrage, investeren Netflix en het Filmfonds samen via de producenten in de geraakte medewerkers die betrokken zijn bij de uitvoering van producties. Hieronder vallen eveneens de kwetsbare freelancers, cast en crew, filmmakers en andere filmprofessionals. De samenwerking met Netflix biedt het Filmfonds meer mogelijkheden om getroffen producties te steunen, zonder dat bijdragen voor toekomstige filmprojecten onder druk komen te staan.

Producenten kunnen vanaf 23 april een aanvraag doen wanneer een filmproductie of high-end serie, die door het Fonds in realisering is gesteund, door de effecten van COVID-19 direct getroffen is in de preproductie, productie of postproductie.


Bekijk de regeling inclusief de veelgestelde vragen via deze link. Steunfonds Filmproducties en high-end series en lees ook de CHECKLIST remote werken POST PRODUCTIE, die je hier kunt downloaden.

2.2 NPO-fonds en coronamaatregelen

Het NPO-fonds laat de indienrondes gewoon doorgaan.

Het fonds blijft de lopende talentontwikkelingstrajecten steunen. 

Het fonds zal waar nodig coulance betreffende planning, oplevering en haalbaarheid hanteren bij projecten waaraan een toekenning is verstrekt. Per project zal bekeken worden wat er nodig is en welke steun mogelijk is.

Het NPO-fonds verzoekt de omroepen om contact op te nemen (via e-mail: npofonds@npo.nl) bij knelpunten betreffende lopende producties.

Het NPO fonds realiseert zich dat de crisis ook invloed kan hebben op de inhoud en haalbaarheid van toekomstige aanvragen. Om hier tijdig op te kunnen reageren, heeft het NPO-fonds de omroepen gevraagd om vóór de indiendatum contact met het NPO-fonds op te nemen indien hier sprake van is. 

Openbare bijeenkomsten en evenementen (zoals ‘Ben jij mijn schrijfdate?’ die gepland stond voor 17 april) zullen worden uitgesteld, maar niet afgelast.


2.3 CoBO aanpassingen werkwijze in verband met corona

CoBO heeft een aantal veranderingen/versoepelingen van regels doorgevoerd om tegemoet te komen aan problemen die zich aandienen.

De geplande inleverdata en vergaderingen worden gehandhaafd. Dringend verzoek om vooral contact op te nemen bij vragen.

Wat kan CoBO betekenen in deze tijden? De maatregelen:

Uitgangspunt zijn de producties waaraan CoBO een bijdrage heeft verstrekt en waarvoor een contract is afgesloten met een omroep.

  • Versoepeling impact en distributie voorwaarden/verplichtingen.
    Vertoningen en bijeenkomsten vinden geen doorgang en het is onzeker wanneer en op welke manier er weer bijeenkomsten zijn toegestaan. Daarom zal zowel met de vereiste impact, als met de vereiste distributie soepel worden omgegaan. Hierbij houden we er tevens rekening mee dat het niet zeker is dat op het moment dat de bioscopen weer worden vrijgegeven en bijeenkomsten weer zijn toegestaan er een inhaalslag gemaakt kan worden. Dat overeengekomen windows niet kunnen worden nageleefd is een logisch gevolg. Per project zal worden bekeken wat de mogelijkheden zijn.
  • Versoepeling in voorwaarden en verplichtingen deadlines.
    Afgesproken en contractueel overeengekomen deadlines zijn wellicht niet haalbaar geworden. Een verruiming van de afgesproken deadlines is mogelijk in overleg. Het gaat hierbij o.a. om oplevering van scripts, uitzendbanden en eindafrekeningen.
  • Aanpassing van de bevoorschotting van termijnen.
    Door de afgesproken termijnen geheel of gedeeltelijk te vervroegen kunnen de reeds gemaakte kosten van producenten, cast- en crewleden etc. zo goed mogelijk worden opgevangen. CoBO zal hiervoor samenwerken met de andere financiers van een productie. Indien hier een beroep op wordt gedaan vraagt CoBO inzicht in de bestedingen en de cashflow. In overleg kan afgeweken worden van de gemaakte afspraken.

Het CoBO vraagt producenten en omroepen om hen op de hoogte te houden van wijzigingen in de opzet van de productie, zodat ze mee kunnen bewegen en op de hoogte blijven.

Wie tegen andere knelpunten aanloopt, wordt verzocht contact met CoBO op te nemen.


Stimuleringsfonds creatieve industrie

Aanpassen werkwijze fonds en adviescommissie

Sinds begin april 2020 is er een forse toename van het aantal aanvragen. Het virtueel vergaderen en het toegenomen aantal aanvragen noopt het Stimuleringsfonds ertoe de werkwijze adviescommissie aan te passen. De aangepaste werkwijze wordt in de tweede week van mei 2020 gepubliceerd en geldt vanaf die datum.

Het Stimuleringsfonds gaat door met het in behandeling nemen van aanvragen bij alle regelingen, behalve bij de Deelregeling Internationalisering en bij de Vouchers Presentaties Buitenland. Verder hanteert het fonds:

  • Coulance: steunmaatregelen voor makers, instellingen en festivals. Dat wil zeggen dat uitstel (tot en met 2021), aanpassingen of verplaatsing van het project wordt geaccepteerd. Dat geldt ook voor het vergoeden van reeds gemaakte subsidiabele kosten indien het project niet meer kan worden uitgevoerd.
  • De behandeltermijn van een aanvraag blijft ongewijzigd.
  • Met betrekking tot aanvragen voor projecten die nog moeten worden voorgelegd aan een van de commissies geldt, dat de mogelijke invloed van de corona-uitbraak op de uitvoerbaarheid van het project niet wordt meegenomen in de beoordeling van de commissie.

UPDATE 12 mei:

De covid-19-crisis raakt en ontwricht de gehele samenleving en de gevolgen zullen nog lange tijd wereldwijd merkbaar zijn. Het Stimuleringsfonds zet zich in om de negatieve gevolgen van de covid-19-crisis voor de Nederlandse ontwerpsector minder groot te laten zijn. We gaan daarom door met het in behandeling nemen en beoordelen van aanvragen bij alle regelingen (met uitzondering van aanvragen voor projecten die fysiek in het buitenland plaatsvinden). Bij aanvragen die u vanaf april 2020 bij het fonds indient, gaat de adviescommissie in de beoordeling ervan uit dat de covid-19-realiteit in de plannen, voor zover mogelijk, is meegenomen.

We zijn daarnaast continu in overleg met de overheid, de collega-cultuurfondsen en het veld om gepaste maatregelen te nemen. In de alinea’s hieronder zet het Stimuleringsfonds alle maatregelen van het fonds op een rij.

herverdeling € 1,1 miljoen Stimuleringsfonds Creatieve Industrie
Sinds de start van de covid-19-crisis is het aantal aanvragen dat het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie ontvangt binnen de deelregelingen voor vormgeving, architectuur en digitale cultuur sterk gestegen. Tegelijkertijd legt de crisis de op internationalisering gerichte activiteiten stil en kunnen enkele grote bijeenkomsten, workshops en festivals niet doorgaan. Hierdoor kan € 1.100.000 van het budget 2020 van het Stimuleringsfonds anders worden ingezet. Aan de resterende aanvraagrondes in 2020 binnen de deelregelingen Vormgeving, Architectuur en Digitale cultuur wordt in totaal ruim € 700.000 toegevoegd en een bedrag van ruim € 400.000 wordt gereserveerd voor het opstarten van de internationale regelingen zodra dat weer mogelijk is. Het Stimuleringsfonds verwacht hiermee, naast de bestaande coulancemaatregelen, een bijdrage te leveren aan het beperken van de negatieve consequenties van de covid-19-crisis voor makers in ons werkveld.

aanpassen werkwijze fonds
Sinds begin april 2020 is er een zeer forse toename van het aantal aanvragen binnen de deelregelingen en de open oproepen van het fonds. De kwaliteit blijft onverminderd hoog waardoor de adviescommissies zeer scherpe keuzes zullen moeten maken en waarschijnlijk elke aanvraagronde moeten gaan prioriteren. Om alle aanvragen op dezelfde wijze te kunnen blijven beoordelen, is het vanaf 23 april niet meer mogelijk om conceptversies van aanvragen ter advies voor te leggen aan de stafmedewerkers. Gerichte vragen over de procedure, begroting of een projectplan kunnen per mail worden gesteld aan het fonds. Kijk voor de juiste contactgegevens op de pagina van de betreffende regeling.

coulance: steunmaatregelen voor makers, instellingen en festivals
Met betrekking tot projecten die nu zijn ondersteund en te maken hebben met de gevolgen van het coronavirus stelt het fonds zich coulant op. Dat wil zeggen dat uitstel (tot en met 2021), aanpassen, verplaatsen of stopzetten van het project in principe wordt geaccepteerd. Dat geldt ook voor het vergoeden van reeds gemaakte en verplichte subsidiabele kosten indien het project niet meer kan worden uitgevoerd. Het Stimuleringsfonds zal inkomstenderving van zzp-ers in verband met nog te maken uren binnen een gesubsidieerd project dat niet meer doorgaat, niet vergoeden.

Hierbij geldt:
• Als je evenement of project definitief is afgelast of verzet, mail dan je contactpersoon bij het fonds.
• Als je een automatisch gegenereerd bericht van het Stimuleringsfonds ontvangt over eindverantwoording, maar je evenement of project is afgelast of verzet, mail dan je contactpersoon.
• Je hoeft geen contact op te nemen met het fonds als er twijfel is of je evenement of project doorgaat of niet. Pas bij definitief afgelasten of verzetten, mail je met je contactpersoon.

Lees alles over de maatregelen van het Stimuleringsfonds 


EUROPA:

3.1 Federation of European Filmmakers (FERA)

De FERA is de Europese koepelorganisatie van regisseursverenigingen. Ze vertegenwoordigt regisseurs uit 44 landen. FERA speelt een belangrijke rol in de internationale samenwerking, de kennisdeling en belangenbehartiging op Europese dossiers.

Begin april heeft de FERA een open brief aan de EU Commissie en haar lidstaten gestuurd waarin zij oproept steunmaatregelen te treffen voor de culturele en creatieve sector die zwaar getroffen is door de Covid-19 crisis.

Je vindt de brief hier:

3.2 European Institute for Health and Safety in Film Industry

De European Institute for Health and Safety in Film Industry heeft samen met de European Film Commissions Network veiligheidsrichtlijnen opgesteld bij het draaien van een filmproductie. Deze vind je hier:

4.1 Persbericht Audiovisuele sector presenteert Corona – protocol

18 mei:
Voor de Nederlandse audiovisuele sector is een COVID-19-protocol opgesteld, bedoeld voor iedereen die betrokken is bij de verschillende soorten audiovisuele producties.

Vanwege de overheidsmaatregelen om de uitbraak van het coronavirus het hoofd te bieden, zijn veel producties stilgelegd: van speelfilms tot klusprogramma’s, van dramaseries tot spelshows. Dit was noodzakelijk maar heeft tegelijkertijd grote gevolgen voor de vele personen en bedrijven die betrokken zijn bij deze producties. Zij willen zo snel mogelijk veilig en verantwoord weer aan het werk.

Het COVID-19-protocol dat vandaag is gepresenteerd, biedt de audiovisuele sector richtlijnen om het werk te vervolgen en te hervatten binnen de geldende voorschriften van de Rijksoverheid en het RIVM. De verschillende werksituaties zijn met de bijbehorende richtlijnen gespecificeerd in drie risicocategorieën: LOW, MEDIUM en HIGH RISK. In aansluiting hierop heeft de Dutch Academy For Film (DAFF) een Toolkit ontwikkeld met praktische tips & tricks voor op de werkvloer.

Het protocol is opgesteld door een werkgroep onder leiding van Doreen Boonekamp, in opdracht van producentenverenigingen NCP (Nederlandse Content Producenten) en NAPA (Nederlandse Audiovisuele Producenten Alliantie). Het is vastgesteld in overleg en met inbreng van de verschillende branche- en beroepsverenigingen en andere belanghebbende partijen. Het protocol is aangeboden aan het Ministerie van OCW en het Ministerie van EZK.

Aanbevelingen
Met het vaststellen van het protocol is voldaan aan een belangrijke voorwaarde. Toch biedt het protocol nog geen antwoord op alle vraagstukken waarmee de sector te stellen heeft als gevolg van de coronacrisis.

Zo is op dit moment bijvoorbeeld nog onduidelijk wanneer acteurs weer intieme scènes mogen spelen. Een belangrijke aanbeveling is daarom dat acteurs, vanwege de cruciale functie van deze beroepsgroep voor de sector, zo spoedig mogelijk in aanmerking moeten komen voor preventieve diagnostische tests op COVID-19. Zo mogelijk kan dit uitgebreid worden naar andere groepen zoals presentatoren en deelnemers aan programma’s.
Ook vraagt de sector, in aansluiting op de verruiming van de RIVM-richtlijnen voor contactberoepen van 11 mei, toe te staan dat personen zoals acteurs op minder dan 1,5 meter afstand van elkaar werken indien de in het protocol getroffen voorzorgsmaatregelen worden toegepast.

De andere ‘sleutel’ tot herstel is de garantie dat risico’s gedekt zijn. Nu producties niet meer verzekerd kunnen worden voor pandemieën en daarmee samenhangend overheidsingrijpen, worden producenten met onverantwoorde risico’s opgezadeld. Hiervoor moet op korte termijn een extra garantiefaciliteit van circa 10 miljoen euro komen. Tenslotte: toepassing van de voorzorgsmaatregelen betekent dat producties duurder worden. Bij gelijkblijvende middelen kan er daarom minder worden geproduceerd.

Via deze link kun je het protocol downloaden:
4.2 COVID-19 Protocol Audiovisuele Sector
4.3 Bijlage: Indicatieve risicoanalysetabel
4.4 Toolkit COVID-19 audiovisuele sector (DAFF) 

Hier vind je de FAQ over het Corona protocol

4.2 COVID-19 Protocol

Dit protocol omvat richtlijnen inzake hygiëne, voorzorgs- en beschermingsmaatregelen en gedragsregels. Deze hebben als doel een zo veilig mogelijke werksituatie te garanderen tijdens de COVID-19- pandemie. Het biedt duidelijkheid aan iedereen die betrokken is bij audiovisuele producties, waaronder professionals, bedrijven, publieke en commerciële omroepen, opdrachtgevers, financiers en verzekeraars/garantiefondsen.

Download het COVID-19 Protocol Audiovisuele Sector hier:

4.3 Bijlage bij COVID-19 protocol Audiovisuele Sector: Indicatieve risico-analyse tabel

Aan de hand van het COVID-19 Protocol Audiovisuele Sector zijn de voorzorgsmaatregelen per department uitgelicht die extra aandacht verdienen. Voor alle functies in de categorieën MEDIUM of HIGH RISK dient daarnaast extra notie te worden genomen van de punten 46, 47 en 48 in het COVID-19 Protocol Audiovisuele Sector.

Aangezien elke productie uniek is dienen zowel de risico’s en te nemen voorzorgsmaatregelen per productie te worden afgewogen. Voor elke productie dienen – afhankelijk van de fase waarin deze zich bevindt – de relevante functies ingedeeld te worden in LOW, MEDIUM of HIGH RISK. NB: De NOS werkt – in samenspraak met het RIVM – als vitale organisatie voor nieuwsvoorziening volgens het protocol van de zorgprofessionals.

NB: Voor muziekopnamen dienen door uitvoerende kunstenaars en (muziek)gezelschappen de protocollen voor podiumkunsten en orkesten te worden gevolgd.

Download de Indicatieve risico-analyse tabel hier:

4.4 Covid-19 Toolkit Audiovisuele Sector

Het COVID-19-protocol audiovisuele sector biedt algemene regels die het opstarten van de AV sector in de nieuwe 1,5-meter-werksituatie zal helpen. De TOOLKIT biedt aansluitend daarop tips en tricks om film-werkzaamheden uit te kunnen voeren binnen de gestelde regels van het RIVM, met ruimte voor maatwerk per productie.

Deze TOOLKIT is specifiek gericht op drama-, commercial- en documentaire producties. Alle tips en tricks zijn hands-on en bedoeld ter inspiratie om besmetting te voorkomen. De Toolkit streeft er niet naar allesomvattend te zijn maar biedt adviezen voor ieder departement. Professionals uit alle departementen hebben hier input voor gegeven vanuit hun betreffende vakgebied.

De focus ligt hierbij op de aanpak op de werkvloer, financiële kwesties zijn hierin niet opgenomen. Het is aan de heads-of-department en de (uitvoerend) producenten om met elkaar in gesprek te gaan om samen tot een werkbare begroting te komen die de veiligheid van cast en crew zal nastreven. Overwegingen zoals bijvoorbeeld het dragen van mondkapjes (voor crewleden) als standaard te hanteren tijdens het draaien en het temperatuur meten van crew en cast zijn afspraken die per productie moeten worden gemaakt.

Download de Toolkit Audiovisuele Sector DAFF hier: