
Heb je altijd al producent willen worden?
Nee, Ik ben vrij lang aan de universiteit verbonden geweest als andragoloog. Zo’n typische 70er jaren studie. We waren toen vooral bezig met de mogelijkheden van wat toen heette de nieuwe media. Allerlei vormen van interactieve televisie. Dat heeft geresulteerd in wat we nu zijn. Zo is Interakt opgericht. Naast documentaires doen we nog steeds veel met internet; we maken grote documentairewebsites en we geven boeken uit. Maar voor het grootste gedeelte maken we documentaires. Het produceren sluit aan bij waar ik het grootste deel van mijn leven mee bezig geweest ben. Namelijk dingen onderzoeken en verhalen gebruiken om inzichten te verkrijgen. De laatste jaren doe ik dat dan als producent. En heel lang geleden heb ik films gemaakt als regisseur.
Waarom ben je daarmee opgehouden?
Omdat ik bij een toneelgezelschap ben gaan werken en vervolgens de wetenschap ben ingegaan. En er waren betere regisseurs dan ik. Een ander belangrijk punt waarom ik voor het producentschap heb gekozen was, dat ik het als maker toch heel moeilijk vond om een lange periode met één project bezig te zijn. Ik vind het prettiger om de voorwaarden te scheppen en zo met vele projecten bezig te zijn. Ik ben pas heel laat begonnen. Pas in 2000 ben ik voluit gaan produceren met Geert Mak als eerste project. De zomer van 1823. Daarvoor met die interactieve televisie waren dat vooral livegesprekken en stadsgesprekken. En we maakten radio. Ik ben dus een jonge producent.

Heb jij criteria die je hanteert om een film wel of niet in productie te nemen? Waar moet een project aan voldoen? En wanneer neem je iets niet?
Een groot gedeelte van de projecten bedenken we zelf en daar zoeken we mensen bij. Dat betekent dat we projecten hebben die erg met onze eigen interesses te maken hebben. Die hebben veel met geschiedenis en maatschappelijke problematiek te maken. De laatste tijd hebben we steeds meer projecten die over unieke mensen gaan, die unieke dingen doen. Mensen, die inspireren en zelfhandelend zijn. Dat zijn de drie dingen waar we projecten op beoordelen. Een voorbeeld van het eerste is De geschiedenis van Nederland in 12 moorden, die we met de familie Blokker gemaakt hebben. Op maatschappelijk terrein is dat een serie die we nu aan het maken zijn over de problematiek van straatjongeren in Tuindorp-Oostzaan. Een voorbeeld van de derde is een heel grote serie over kunstenaars, waar we nu mee bezig zijn. En verder doen we alle plannen die echt goed zijn of die van makers zijn, die wat kunnen. Dat is vrij breed. Als een goede maker met een plan komt, maakt het niet uit of het over lepels of over iets meeslepends gaat














