Van de Weijer noch zijn zakelijk partner Pepijn van Dijk komen uit de filmwereld. Roel van de Weijer is van oorsprong civiel ingenieur, was werkzaam in de transportsector en voor Artsen zonder Grenzen. Pepijn van Dijk werkt voor de Publieke Zaak, een platform gericht op maatschappelijke vernieuwing.
Hoe kwam je op het idee voor Cinecrowd?

Van de Weijer: ‘De net afgestudeerde filmmaker Floris Parlevliet vroeg mij mee te werken aan een filmproject. Dat was wederzijds zo goed bevallen dat Parlevliet daarna voorstelde om een script te helpen financieren. Ik vond het wel een interessante uitdaging. Ik hou er wel van om ‘out of the box’ te werken’.
Na een aantal mogelijkheden verkend te hebben leek hen de beste optie om het te doen via fondsenwerving op internet. De Amerikaanse succesvolle sites als Sellaband en Kickstarter met een omzet van 27 miljoen euro per jaar dienden als voorbeeld. In eerste instantie wilden ze alleen de film van Parlevliet via internet financieren, maar de grote vraag was: hoe trek je dan mensen. Ze wilden het breder trekken en kwamen erachter dat er zowel bij filmmakers als bij liefhebbers een behoefte is aan een platform. Liefhebbers willen volgens Van de Weijer graag investeren maar weten niet via welke kanalen. Het idee was geboren: een platform waarop makers en liefhebbers elkaar ontmoeten.
Om het platform een kans van slagen te bieden heeft Cinecrowd een aantal technische criteria geformuleerd waaraan de filmprojecten moeten voldoen: Ze willen filmmakers met een naam, de film moet verkoopbaar zijn aan een publiek, een bescheiden en redelijk budget hebben en de film moet binnen een half jaar zijn geproduceerd. Al snel kregen ze reacties op hun oproep via de DDG en de NBF en binnen een maand stonden er vier projecten online. ‘Elk project heeft maximaal 90 dagen de tijd om het budget rond te krijgen, lukt het niet, dan wordt het project van de site gehaald en is het over. De bedoeling is dat er elke twee weken een nieuw project op de site komt te staan’.
Van de Weijer wil bij elk project inzage in het budget en het dekkingsplan. ‘Met een beetje gutfeeling kan ik wel zien of een begroting redelijk in elkaar zit en daarnaast laat ik me adviseren door andere regisseurs en filmprocenten. Niet dat de regisseur er eens lekker van uit eten gaat of dat de cameraman voor 700 euro op de rol staat. Voor het vertrouwen naar de geldschieters is dat erg belangrijk omdat het een nieuw concept is. Het is uiteindelijk maar een website. Fondsenwerving daarvoor begint bij familie, vrienden en bekenden. Om buiten die kring te kunnen treden moet je vertrouwen wekken. En dat houdt bijvoorbeeld in dat je op de publieksmarkt je gezicht laat zien’.
Waarom stellen jullie een limiet aan het bedrag?
‘We willen geen films met een budget van € 70.000 erop zetten. Hoewel het een redelijk bedrag is voor een korte film is dat als bedrag via de site niet binnen te halen. Wij bieden een bouwelement voor de financiering. Het is één van de elementen, maar niet hét element. Als je kijkt naar Amerika, daar haalden kleinere projecten maximaal $10.000 op. Daar hebben ze dan ook nog een groot bereik, bovendien is de geefcultuur van het publiek veel meer ingeburgerd. Bij deze eerste projecten houden we het maximaal te financieren bedrag laag, maximaal € 10.000, om het sympathiek te houden en mensen het gevoel te geven dat ze de film mede aan het creëren zijn. In Nederland leeft het steeds meer, maar veel mensen vinden nog dat het aan de overheid en aan de fondsen is om filmprojecten te steunen. Desalniettemin, we zijn nu een maand online, er hebben al meer dan 100 mensen gedoneerd en we hebben al € 11.000 aan donaties voor de vier projecten binnengehaald’. ‘Eén project hoeft nog maar € 3000 binnen te halen’ voegt Van de Weijer er hoopvol aan toe.
‘Wij ontsluiten iets met Cinecrowd. Iedereen heeft er over na lopen denken, maar is te druk met het produceren van films. We hebben natuurlijk ook de tijd mee. Het publiek dacht altijd, voor films heb je de overheid, maar dat is een stigma. Er zijn heel veel mensen met geld die graag bij film betrokken worden, zoals een tandarts, maar ook andere filmliefhebbers. Op deze manier kan dat.
Waarom hebben jullie het criterium van de gelimiteerde productietijd toegevoegd?
‘De film moet binnen zes maanden zijn geproduceerd, dus daarmee vallen de lange speelfilms af. We willen binnen een korte tijd de mensen iets aanbieden: kijk eens jullie hebben de film medegefinancierd, nu is hij er al’.
Wat als dat niet lukt? Legt Cinecrowd dan sancties op?
‘We sluiten een contract af met de filmmakers. De laatste 10% krijgen ze pas als ze de donateurs hun cadeaus hebben gegeven en als je je aan de voorwaarden hebt gehouden. We willen bij toekomstige projecten een tevreden publiek houden’.

Wat zijn de voordelen van crowdfunding?
‘Het grote voordeel is dat er een hechtere band is tussen de filmmaker en de financier dan bij fondsen. Ik heb dat nu al gemerkt. Het is familie, vrienden, vrienden van vrienden; het zijn mensen met een passie voor film, mensen die in jou geloven als filmmaker. Het zijn geen mensen die je wil teleurstellen, maar mensen die heel dichtbij staan en een hechtere band met je hebben omdat de lijn heel direct is. Het gaat niet indirect via de belasting.
Zijn er ook nadelen?
‘Ja, maar een nadeel dat ook voordelen heeft. De bemoeienis van het publiek is er al voordat de film af is. Dat kan een nadeel zijn, maar je kunt het ook ten voordele gebruiken. Dat is heel spannend en daar zijn we mee aan het experimenteren. Bijvoorbeeld van de film Woensdagen kan je voor vijf euro het scenario kopen. Daar kun je wanneer mensen het lezen ze totaal mee vervreemden, maar je kunt er ze er ook mee winnen. Dat is een risico wat je loopt als filmmaker. Je wordt daardoor heel kwetsbaar. Stel je hebt een wereldidee en iedereen haalt zijn schouders op. Dat is heel confronterend’.
Dat geldt toch voor een fondsaanvraag ook?
‘Ja, maar je zet jezelf niet te kijk. Dat is iets tussen jou en het Filmfonds. Dit is iets tussen jou en het publiek’.
Hoe ver gaat de invloed van het publiek c.q. financiers?
‘Er is nog geen filmmaker die daar helemaal open voor staat’. ‘Maar’, zo fantaseert van de Weijer ter plekke, ‘stel dat er een filmmaker is die drie eindes heeft voor een film en dat bijvoorbeeld degene die het meest betaalt het einde mag kiezen. Dan sta je open voor artistieke inmenging, maar wel op een spannende manier. Ik kan er niet teveel over zeggen, maar je ziet nu al dat er mensen zijn die een passie ontwikkelen voor de voor hun tot dan toe onbekende filmmaker en wellicht substantieel gaan bijdragen aan grotere projecten. Daar komt waarschijnlijk iets heel moois uit. Niet alleen deze korte film’.
Maar dan wil hij waarschijnlijk wel invloed?
‘Nou ja, hij heeft ideeën. Heel veel filmmakers zijn zich er niet bewust van wie hun publiek is. Ze zien ze wel, maar waarom die passie er is, dat weten ze niet. Het opent heel veel deuren’.
Bij een fonds dien je een geschreven plan in. Hoe gaat het bij Crowdfunding?
‘Crowdfunding vraagt om een hele andere manier van presenteren. Je kunt een trailer maken, maar bij de film Woensdagen van Aaron Rookus is Herman van Veen gevraagd om in de trailer te pitchen. Vanwege zijn foundation die opkomt voor de rechten van kinderen en omdat Herman van Veen al eens iets eerder met de regisseur had gedaan. Je kunt als filmmaker zeggen: ik moet commercieel worden om te overleven, maar je kunt ook creatief zijn in hoe je mensen prikkelt. Een film over kindermisbruik trekt misschien geen breed publiek, maar vanwege de noodzaak kunnen er mensen zijn die vinden dat ze iets bij móeten dragen. De vraag is hoe spreek je een publiek aan. Alle regisseurs doen dat op hun eigen manier. Zo heeft Amos Mulder als pitch voor Ceci n’est pas un rêve een prachtige animatie gemaakt om publiek voor zich te winnen.
Waar het om gaat is: hoe breek je de wand tussen de filmmaker en het publiek. Dat is de opdracht waar we nu voor staan. Er is nu alleen maar een email adres, maar we willen nog meer de barrière doorbreken; dat je direct in contact kan komen met de regisseur, als hij dat wil. Sommigen staan er meer open voor dan anderen. Wij zorgen natuurlijk wel voor media aandacht, maar je moet zelf ook een potentieel publiek kunnen werven uit je doelgroep. Daarvoor moet je als regisseur mensen zelf aanspreken.’
Hoe hebben de fondsen tot nu toe gereageerd op jullie initiatief?
‘Tot nu toe kijkt het Filmfonds de kat uit de boom. Ze vinden het een interessant initiatief. Ik zie het als een verbreding van de financieringsmogelijkheden. Ik hoop dat er uiteindelijk een symbiose uit voortkomt met andere filmfondsen. Crowdfunding zal niet de oplossing zijn voor de Nederlandse cinema. Het is een manier om financieringsmogelijkheden te bieden. Ik hoop een structurele aanvulling te worden voor filmmakers. Ons laatst wapenfeit is dat de stad Amsterdam bij elk project dat in Amsterdam wordt gemaakt een substantiële bijdrage zal geven.’
Waar wordt de film gepresenteerd als hij af is?
‘We zijn aan het praten met het NFF, er zijn nog geen toezeggingen, maar ze staan er wel open voor. Zeker nu Eddy Terstall heeft aangekondigd een volgende kleine film via Cinecrowd te willen financieren.

Hoe zit het met de rechten?
‘Wij van Cinecrowd willen niks te maken hebben met de rechten. Dat laten we over aan de producent’.
Gaat het geld van de winst terug naar de financiers?
‘Uit de praktijk blijkt dat niemand veel verdient aan de korte film. Maar mocht er wel omzet uit komen dan is dat aan de producent om daar iets mee te doen.
En dat is een bewuste keuze. Wij willen de filmliefhebber aanspreken. Je begeeft je ook op een mijnenveld van rechten en plichten. Hoe ga je het controleren? Daarbij gaat het bij de verkoop van de korte film vaak om te verwaarlozen bedragen, dus dan zou iedereen weer een tientje terug krijgen. Bovendien, je schept verwachtingen die je niet waar kan maken, dus daar moet je gewoon niet aan beginnen. Je wordt dan een soort investeringsvehikel en dat willen we niet. Ik geloof wel in een platform waar de films worden bekeken en advertentie inkomsten terugstromen in de stichting, om de stichting in leven te houden’.
Maar wat is dan de prikkel voor een investeerder?
We willen de beloning het dichtst mogelijk bij de gevoelswaarde brengen. Je betaalt niet alleen voor de film. Mijn filosofie is: voor wat hoort wat. Je hebt het over geld. Wat heb je dan te bieden? Voor 50 euro bijdrage heb je bijvoorbeeld een DVD. Voor honderd euro sta je op de set als figurant. Elke regisseur kan zelf bepalen voor welk bedrag hij de financier iets teruggeeft. Het zou zomaar kunnen dat je privéles van Eddy Terstall kan krijgen of dat er een exclusieve première voor de financiers komt. In de nabije toekomst biedt Crowdfunding hopelijk ook fiscale voordelen. Voor particulieren en bedrijven wordt een bijdrage dan 100 procent aftrekbaar.
Verdien jij zelf aan Crowdfunding?
‘Crowdfunding is opgezet als een stichting, het is dus niet winstgevend. Om de tent draaiende te houden innen wij 10 procent van de opbrengst. Daar zit nog geen salaris in. Voorlopig is het dus pro bono. We zijn natuurlijk wel op zoek naar sponsors en we kijken of er fondsen zijn die bij willen springen. In de toekomst willen we een platform worden voor de korte film omdat dat ook nog niet bestaat. Dan kun je gaan denken aan abonnementen, maar voorlopig is dat toekomstmuziek. Ik zie er uiteindelijk wel een vaste baan in en dan is het natuurlijk prachtig om met je passie bezig te zijn. Ik heb heel veel project management gedaan bij miljoenenprojecten. Dan ben je ook aan het onderhandelen en proberen te overtuigen. Ik zie Cinecrowd als een marktplaats waar twee partijen bij elkaar komen. Daarnaast opent het voor mij deuren, ik kom in contact met producenten en allerlei mensen uit de filmwereld waar ik anders niet zo snel mee in contact zou komen’.
Twee weken na het gesprek met Roel van de Weijer kijk ik nog snel even op de teller. Eén project heeft al het geld binnen. Bij de andere projecten is de teller licht gestegen. Een vijfde filmproject biedt zich aan.














