editie 2010/3

OP DE SET

LOTUS

17-09-2010 - De Gazet gaat op setbezoek tijdens de draaidagen van Lotus. Dit is het speelfilmdebuut van Pascale Simons, waarin verschillende vormen van eenzaamheid worden uitgespit.
Door: Laura van Zuylen

Op een grasveld in een nette nieuwbouwwijk in Rotterdam Zuid staan twee partytenten, een groot wit scherm en een rots, al dan niet van steen. Daar richt de camera zich op. Buiten beeld staat een houten giraffe die als klimrek dient. Af en toe klimt daar een crewlid in. Op deze plek vinden de opnames plaats van één van de korte drama’s uit het speelfilmdebuut Lotus van Pascale Simons (One Night Stand: Kinkerstraat). Onder één van de tenten kijkt de vrouw die de grip en kleding doet mee op een televisiescherm. ‘Ik vind zijn schoenen wel erg schoon,’ zegt ze ontevreden en rent naar Raymond Thiry, die met opgetrokken knieën tegen het rotsblok aan zit, om zijn schoenen te bevuilen.

In Lotus wordt van verschillende mensen een ‘hapje’ leven verteld, dat zich gedurende dezelfde vierentwintig uur afspeelt. De vertellingen zijn divers, van een man in een revalidatiecentrum tot aan een stel dat elkaar door hun carrièreambities is kwijtgeraakt. Ze komen op één punt overeen: ze gaan alle over eenzaamheid. ‘Philip [Delmaar, de scenarist] en ik kenden daar zo veel verhalen over, dat we het zonde vonden om er maar één van te vertellen,’ vertelt Simons.

‘Dat gevoel van individualiteit en daardoor eenzaamheid is heel erg iets van nu. Je kunt veel dingen vanuit huis regelen via de telefoon of internet. Daar hoef je dus niet meer voor naar buiten. Daarnaast doen mensen heel veel dingen tegelijk. Die vluchtigheid maakt dat je niets doorgrondt en niemand goed leert kennen. En dus ook nergens écht happy van wordt.’

 

De scènes die vandaag gedraaid worden zijn onderdeel van de verhaallijn over Ben (Raymond Thiry), een gezinsvader die in het geheim homoseksueel is. ‘Ik ben getrouwd met een Antilliaanse dame, we hebben drie kinderen en volgens mij ben ik hartstikke gelukkig,’ vertelt Thiry. ‘Ik heb alleen één zonderlinge eigenschap en dat is dat ik naar parkeerplaatsen ga om deze of gene af te werken of om mezelf te laten afwerken. Het is een wrang beeld van een ogenschijnlijk gelukkige familie, waarbij de man een gespleten bestaan leidt.’Thiry zelf kwam een keer per ongeluk op eenzelfde soort parkeerplaats. ‘Ik was mijn hond aan het uitlaten en op dat terrein liepen allemaal mannen rond. Ik dacht dat er een moord was gepleegd en dat de rechercheurs met elkaar overlegden welke bosjes ze al hadden uitgekamd.’

Marieke Mols, die mee heeft gewerkt aan de dramaturgie van de film, vertelt op welk punt in het verhaal deze scène zich afspeelt. ‘Ben is net een nacht weggeweest en ziet nu zijn kinderen, die op het dakterras aan het spelen zijn.’ De cameraman wordt op rails in de richting van Thiry geduwd, die vanachter de rots zijn familie begluurt. Hij wordt gebeld door een Vlaams nummer. Dat is zijn avontuurtje van die nacht. ‘Oké, we zijn gestopt!’ roept Simons. Ze loopt naar de vrouw van de grip. ‘Horloges zijn echt een hel! Dat moeten we onthouden.’

De scène wordt overgedaan. Plotseling rijdt een man in een invalidewagentje achter de partytenten langs. Hij hoort niet bij de filmcrew, maar is minstens zo geïnteresseerd. Hij draait zijn karretje om en begint luidruchtig te vragen wat ze hier allemaal aan het doen zijn. Even later scheurt een andere Rotterdamse lolbroek in een auto voorbij, die roept: ‘Camera loopt, actie!’ Als daarna nog een baby begint te huilen en sirenes en een helicopter tegelijkertijd langs de set trekken, zegt de man die met het geluid meeluistert half grappend, half mopperend: ‘Oja. Die hadden we nog niet.’

Een straat verder staat een rode dubbeldekker, met onderin een keuken. Daarnaast is een grijze bus met daarvoor houten picknicktafels, waar kan worden gegeten en gerust. De drie jongens die de kinderen van Ben en Lin spelen rennen vrolijk heen en weer en spelen met hun gameboy. Dit is de eerste keer dat Gwen Maduro, die Bens echtgenote Linda speelt, met kinderen werkt en het bevalt haar goed. ‘Er gebeurt steeds iets anders. Als ze bijvoorbeeld bij de poppenkastscène improviseren, zie je wat een grote fantasie ze hebben.’ Ze heeft daarentegen zelf in de kinderfilm Het zandkasteel (2005) een driejarig jongetje gespeeld. ‘Ik was Toto en droeg een dikmaakpak van fleecestof,’ zegt ze lachend, ‘inclusief een hoofd van drieëneenhalve kilo. Dat mocht je ook maar twintig minuten per keer aan, omdat je anders je nek te veel belastte. Het was heel leuk om een peuter te spelen, want alles mag!’

Zij en de kinderen worden weggeroepen om hun positie op het dakterras weer in te nemen. Ondertussen kleedt Thiry zich om in dezelfde outfit, maar nu schoon en zonder scheuren. Met zijn broek op zijn enkels steekt hij een sigaret op. Binnenkort moet hij voor de eerste keer met zijn tegenspeler Bruno van dan Broecke zoenen. Hij giechelt. ‘Ik vind het wel spannend, maar what the hack. Het is niet iets wat me tegenstaat. Het is altijd ongemakkelijk om intiem te zijn met iemand die je nauwelijks kent. Ik denk dat ik nu de spanning zal breken door grapjes met hem te maken.’

De reden dat de hele film zich in Rotterdam afspeelt heeft enerzijds te maken met het overkoepelende thema, eenzaamheid. Maduro: ‘Je kunt je heel anoniem voelen in een grote stad. Juist omdat er zo veel mensen wonen en iedereen met zijn eigen leven bezig is. Dat is in een dorp denk ik wel anders.’ Thiry is het daarmee eens: ‘In dorpen word je wel opgevangen door de buren. In grote steden kun je een paar weken dood in je woning liggen voor iemand je vindt.’ Simons heeft nog een specifieke voorkeur voor Rotterdam: ‘Die stad is visueel boeiend en multicultureel. Dat is iets wat ik in het algemeen mooi vind aan Nederland. Daarnaast is hij gebombardeerd. Hij heeft daardoor een enorme levenskracht, want ze wilden er per sé overheen komen.’ Simons meent dat je ook over eenzaamheid heen kunt komen als je het maar bij jezelf herkent. ‘Dan kun je er iets aan gaan doen. Maar de pestpokke van eenzaamheid is dat je naar je navel gaat zitten kijken en je afsluit. Bovendien is het een taboe om je eenzaam te voelen. Deze film laat zien dat je niet de enige bent. En dus ergens bijhoort.’

Setfoto is gemaakt door: Victor Arnolds en IJswater Films BV

Zie voor trailers eerder werk hier




reageren op artikel | 0 reactie(s):







Je moet inloggen om te kunnen reageren