editie 2010/2

IN MEMORIAM

Carrie de Swaan (1946-2010)

31-03-2010 - Carrie was een filmmaker zoals een filmmaker moet zijn, ze ging er helemaal voor. Het liefst zat ze achter de Mac in haar montageruimte. Filmmontage is ook zoiets als het leven opnieuw samenstellen, maar dan zoals je het hebben wil. Dit er in en dat er uit, dit laten we zo, daar muziek onder, maar welke muziek?
Door: Paul van den Bos


Filmmontage was haar passie. Ze heeft prachtige films gemaakt en ik heb het voorrecht gehad veel camerawerk voor haar te mogen doen.
Ze had veel muzikale vrienden en muziek speelt in haar werk dan ook vaak een grote rol. Tot op het eind monteerde ze aan haar grote documentaire over Willem Breuker en zijn Collectief. Ze heeft niet de tijd gekregen om dit zelf af te maken.


Het beroemde Duitse drietal Brecht,Weill en Eisler uit de jaren dertig behoorden tot haar favorieten en daarom neem ik u graag mee op een reis naar Berlijn.
In 1997 maakt ze daar een film over de zangeres Gisela May.
‘Die May’ heeft zich gespecialiseerd in het oeuvre van Brecht, Weill en Eisler en heeft zelfs nog met Hanns Eisler samengewerkt. Ondanks haar hoge leeftijd staat ze nog regelmatig op de Bühne. De film is een co-productie van NPS, het Duitse ZDF en Carrie’s eigen Swaan Produkties.

In Berlijn schijnt de voorzomerzon door de eerste bladeren en de opnamen gaan goed, heel goed zelfs. May kwakkelt wel wat met haar gezondheid, maar drijft op Carrie’s energie. Zoals altijd is Carrie goed voorbereid, weet ze wat ze wil en kan je met haar lachen. Als we over shots en montage spraken, dan liep ze meestal nadenkend en met te grote stappen rondjes door de kamer, handen op de rug.
We zitten in een goed hotel en na een stevige opnamedag stelt ze voor om Japans te gaan eten. Ze was dol op Japans eten en lustte er toen ook nog een glaasje Saké bij. In mijn hotelkamer zie ik dat het groene lampje van de acculader niet brandt en dat is een slecht teken. Lege camera-accu’s betekent dat er niet gefilmd kan worden, zo simpel kan het zijn. Morgenvroeg moeten we op het Dorotheenstädtische Friedhof draaien waar Brecht,Weill en Eisler zijn begraven. Tegen beter weten in vervang ik een zekering maar het helpt niets.

‘Kom hier naar toe, dit moeten we regelen’ zegt ze als ik naar haar kamer bel. Dat is Carrie: direct actie. Ze bladert driftig in het telefoonboek en belt. De enige Professionelle Kameraverleih die we kunnen vinden is al naar huis en bestaat uit een antwoordapparaat. Buiten valt de schemer in en ik zie de bui al behoorlijk hangen. ‘Paulus, we gaan dit varkentje wassen,. wir müssen das Schweinchen...’ zegt ze en ik wil haar graag geloven. Ze voert weer een gesprek en het valt me op hoe goed haar Duits is. Ik denk koortsachtig na maar weet even geen oplossing.

‘Wacht, we moeten freelancers bellen, zo iemand... een freelance cameraman zoals jij’ zegt ze en pakt weer de telefoon. Dat gaat beter en ze vindt iemand zoals wij, een kleine zelfstandige. We krijgen een paar namen en nummers door, maar de ene doet niets meer, de andere is weg. Bellen, zoeken, de klok tikt door. Dan vindt ze weer iemand zoals wij en die vertelt ons dat we niet in Berlijn moeten zijn, maar 40 km de stad uit. Daar is de WDR, de Westdeutcher Rundfunk. Ze heeft tijdens het bellen al haar jas aangedaan, tas gepakt en met de linkerhand het adres opgeschreven. Het lijkt de enige mogelijkheid. Terug op mijn kamer pak ik voor de zekerheid de kapotte lader mee.

Als we Berlijn uitrijden is het al donker en de taxichauffeur weet niet goed waar de WDR is. De Deutsche Gründlichkeit laat ons nu in de steek. Na hier en daar vragen komen we bij een groot donker gebouw. De portier kijkt wat vreemd naar de zwei Holländer, maar wil gelukkig begrijpen dat er iets serieus aan de hand is. Ik vertel in mijn steenkolenduits van kameraladegerät kaputt, morgenfrüh filmen en zet de kapotte lader op de balie. ‘Ach so Sie sind aus Holland, schöne tulpen’... jaja das sind wir. De man kijkt naar Carrie en ze is van oor tot oor een en al smile. Hij pakt de telefoon en we horen hem in zwaar Berlijns dialect dingen zeggen. De grond onder onze voeten wordt een beetje vaster. Hij blijft bellen maar zonder veel succes. Ja ‘morgenfrüh am sieben’ hoor ik, maar ja dan moeten we eigenlijk al op de eerste locatie zijn, dan is daar het mooiste strijklicht. Carrie denkt precies hetzelfde als ik, dat ergens in dit gebouw nu camera-accu’s worden opgeladen, maar ja waar.

En dan gebeurt er wat er op zo’n moment moet gebeuren. Achter ons buiten op het grint horen we knarsende banden en een dichtslaand autoportier. Uit de draaideur komt een man tevoorschijn en ik zie dat we die moeten hebben. Hij draagt net als ik een locatiejas. Vrijwel elk lid van een filmcrew heeft wel zo’n jas. Ook al sta je uren in regen en kou, echt nat en naar wordt het nooit. Er is direct een blik van verstandhouding en veel hoef ik niet meer uit te leggen. De man heet Rolf en we mogen met hem meelopen. Carrie praat en praat, ja denk ik zo doe je dat, zo bouw je vertrouwen op. Deur door, gang door, nog een gang, een deur, slot open en dan komen we precies waar we moeten zijn. In een kale ruimte staan ongeveer vijftig zoemende acculaders. De WDR is groot. Ja ze hebben net paar nieuwe camera’s en dat van die lader dat kent Rolf wel, dat is hier ook al een keer gebeurd. We gaan met een volle accu en een werkende lader weer de deur uit. U begrijpt Rolf kan niet meer stuk.

Het is intussen half twaalf en op de terugweg speelt de honger weer op.
Alle restaurants zijn natuurlijk dicht, ook Carrie’s Japanner. Maar wat is dan wel nog open? Juist... Mac Donalds!
Carrie verfoeide junkfood, maar in de meer dan 40 jaar waarin ik haar heb gekend, denk ik de enige te zijn die haar met glanzende ogen hele grote happen van een dubbele hamburger heb zien nemen.

Lief Swaantje ik zal je nooit vergeten, helemaal nooit.




reageren op artikel | 0 reactie(s):


In MemoriamCarrie de Swaan




Je moet inloggen om te kunnen reageren