
Nu wat betreft de films: uit honderden films wordt een selectie gemaakt en soms verbaast mij de keuze. Op andere festivals, zoals het Klik-festival in Amsterdam, zag ik een aantal films die hier totaal ontbraken, terwijl het aan de kwaliteit van die films toch niet kan liggen. Ik neem aan dat persoonlijke smaak en de vereiste variëteit hieraan debet zijn. De competitieblokken, zowel voor vrije films als studentenfilms, probeer ik steevast allemaal te zien. Daar zitten ook vaak de grootste juweeltjes tussen. Vooral de Nederlandse studentenfilms waren de laatste jaren erg in opkomst. Animatie wordt als een serieus vak op diverse kunstacademies gegeven, en de afstudeerfilms van de HKU, St. Joost, Willem de Kooning, etc. werden met het jaar beter. Dit jaar zag ik echter een kentering; de Belgische studentenfilms waren van ongekend hoog niveau, zoals je dat heel vroeger ook al zag. Aan de technische kwaliteit ligt het inmiddels niet meer. Dankzij de computer en vele hoogstaande digitale technieken zien vrijwel alle studentenfilms er puik uit. De meeste studenten kunnen goed animeren, maar inhoudelijk schort er vaak toch nog wel het een en ander aan. Regelmatig denk ik na het zien van zo’n Nederlandse studentenfilm: het zag er prachtig uit, maar waar gìng het nou eigenlijk over?
De filmblokken waarvan het niveau ongekend hoog blijft, zowel technisch als inhoudelijk, zijn die met toegepast werk. Commercials, leaders, idents en muziekclips zijn ‘state-of-the-art’, vaak erg inventief en inhoudelijk ook verrassend. Zou het dan toch aan de budgetten liggen? Ik kan het me nauwelijks voorstellen. Juist animatie is iets wat je thuis met een beperkt budget nog tot een goed einde kan brengen.

De projectie tijdens het HAFF gebeurt vrijwel helemaal digitaal, en dat is ook logisch. Wat is er nu makkelijker voor een vrije filmer dan zijn korte film op dvd naar alle animatiefestivals ter wereld te sturen? Slechts een enkeling heeft het budget om ook daadwerkelijk een paar 35mm filmkopieën van zijn film te laten maken. Jammer is dat wel. Als je dan tussendoor een lange animatiefilm ziet die weer echt van film af geprojecteerd wordt, is dat toch even een verademing. Van de features die ik heb gezien, waren 9 en One Night in One City de positieve uitschieters. Van deze twee maakt 9 nog de meeste kans om een Nederlandse bioscooprelease te krijgen. Deze computergeanimeerde film werd geproduceerd door Tim Burton en is gebaseerd op een korte studentenfilm uit 2005 met dezelfde titel. Zeer de moeite waard.
Als je van ‘s morgens half elf tot ‘s avonds half twaalf films hebt gekeken, is het altijd leuk om nog even langs te gaan bij de festivallocaties Theater Kikker en ‘t Hoogt. Daar vinden de min of meer diepzinnige gesprekken plaats en sta je soms uitgebreid te praten met een van de vele buitenlandse gasten. Soms zijn dat animatoren die ik al jaren bewonder. Om ze dan ‘live’ te ontmoeten, samen een biertje te drinken en honderduit te kunnen vragen geeft het HAFF voor mij altijd een extra tintje.
Op zondagavond was de prijsuitreiking, en ook deze keer is het de diverse jury’s weer gelukt mij hogelijk te verbazen. Ik heb natuurlijk mijn persoonlijke favorieten, maar de prijswinnaars waren vrijwel stuk voor stuk films die bij mij geen bijzondere indruk hadden achtergelaten. Dat neemt niet weg dat ik in 2010 toch weer van de partij ben.
Interessante animatie-sites:
Cartoon Brew
Animatie.blog
Ned. Instituut voor AnimatieFilm
Animation World Network
Cartoon Research
















